ar0100p1200b

Compressiedruk controleren

Type ar · thema 01.00 · versie 0120 · 2006-02-08

Geldig voor: MOTOR 112 Luchtfilter geplaatst aan wagenzijde MOTOR 113 Luchtfilter geplaatst aan wagenzijde

Plaats

Functiegroep 1 Motor › 01 Motor compleet, carterventilatie, cilinderkop, cilinderblok › 01.00 Algemeen

EinPAS 15 Motor › 15.15 Verbrandingsmotor compleet/krukkast/krukaandrijving › 15.15.15 Verbrandingsmotor compleet

Geldt ook voor motoren/versnellingsbakken: 112 ***, 113 ***

AR01.00-P-1200B

Compressiedruk controleren

30.11.05

MOTOR 112
Luchtfilter geplaatst aan wagenzijde

MOTOR 113
Luchtfilter geplaatst aan wagenzijde

Compressiedruk controleren

P01.00-0372-06

01 Compressiemeter

Uit-, inbouwen

Gevaarlijk!

Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor.

Wagen tegen spontaan wegrijden beveiligen.
Gesloten en strak aansluitende werkkleding dragen.
Geen hete of roterende delen vastpakken.

AS00.00-Z-0005-01A

1

Motor op bedrijfstemperatuur (ca. 80 °C ) brengen

Compressiedruk alleen controleren bij motor op bedrijfstemperatuur.

2

Motorafdekplaat uitbouwen

3

Luchtfilterhuis uitbouwen

4

Resonantiebuis met resonantiehuis uitbouwen

Alle, behalve type 163 met motor 113.942/981.

AR07.07-P-1454A

- Hierbij stekkerverbinding van hittefilm-luchtmassameter (HFM) losnemen en

- resonantiebuis aan kleppendeksel losschroeven.

De resonantiebuis is achter aan het inlaatspruitstuk met een kunststoflip bevestigd.

Kunststoflip niet beschadigen.

5

Bougies uitbouwen

Slechts één bougie per cilinder uitbouwen:

Type 210, 208, 202 met motor 112

Type 210 met motor 113

AP15.10-P-1580A

Type 163 met motor 112, 113

AP15.10-P-1580GH

6

Motor ronddraaien met startmotor

Motor niet via het contactslot ronddraaien, maar de contactschakelaar van de compressiemeter gebruiken.

AR01.10-P-0110V

Om de cilinders van verbrandingsresten te ontdoen, de motor meerdere malen met de startmotor laten ronddraaien.

Controleren

7

Compressiemeter in bougieboring plaatsen

*001589762100

8

Luchtklep openen

9

Motor ronddraaien met startmotor

Motor niet via het contactslot ronddraaien, maar de contactschakelaar van de compressiemeter gebruiken.

AR01.10-P-0110V

Om de compressiedruk te controleren, de motor minstens 8 omwentelingen laten ronddraaien.

10

Overige cilinders op dezelfde wijze controleren

11

Meetwaarden met toegestane waarden vergelijken

*BE01.00-P-1001-01D

*BE01.00-P-1002-01D

*BE01.00-P-1003-01D

Bij een druk die onder de minimale compressiedruk blijft of die het toelaatbare verschil tussen de afzonderlijke cilinders overtreft:

Cilinders op lekkage controleren

AR01.00-P-1300HV

12

Inbouw in omgekeerde volgorde uitvoeren

Compressiedruk

Nummer

Omschrijving

Motor
112.910/
911/912/920/921/923/940/941/
942/943/960,
113.940/942/
943/961/963,
lage compressie-verhouding

Motor
112.910/
911/920/921/
922/923/940/
941/942/943/
944/945/946/947, 113.940/941/942/
943/960/961/962/
963/965/968/969,
normale compressie-verhouding

Motor
113.944,
normale compressie-verhouding

BE01.00-P-1001-01D

Compressiedruk, inbouwtolerantie of nieuwwaarde

bar

10...12

12...14

11...13

BE01.00-P-1002-01D

Compressiedruk, slijtagegrens of grenswaarde

bar

8,0

9,0

10,0

BE01.00-P-1003-01D

Compressiedruk, toelaatbaar verschil tussen de afzonderlijke cilinders

bar

1,5

1,5

1,5

Compressiedruk

Nummer

Omschrijving

Motor
113.980/
981/982/984,
normale compressie-verhouding

Motor
113.992/995

Motor 113.987/988/
990/991/993

BE01.00-P-1001-01D

Compressiedruk, inbouwtolerantie of nieuwwaarde

bar

11...13

11...13

9...12

BE01.00-P-1002-01D

Compressiedruk, slijtagegrens of grenswaarde

bar

10,0

8,0

8,0

BE01.00-P-1003-01D

Compressiedruk, toelaatbaar verschil tussen de afzonderlijke cilinders

bar

1,5

1,5

1,5

Compressiedruk controleren

001 589 76 21 00

Compressiemeter

Verwezen documenten