Afgebeeld bij motor 904.9 |
1 | Geluidsisolatie |
2 | Turboluchtspruitstuk |
3 | Inspuitleiding |
4 | Tuimelaarmechanisme |
5 | Klepbrug |
6 | Stoterstang |
7 | Afdichting |
8 | Verbindingsstuk |
9 | Bout |
10 | Aansluitstuk |
11 | Motorkabelset |
12 | Koelmiddelleiding |
B65 | Temperatuursensor koelmiddel |
W01.30-1060-06
Afgebeeld bij motor 904.9 |
13 | Uitlaatspruitstuk met uitlaatgasturbo |
14 | Konstantdrosselleiding |
15 | Koelmiddelleiding compressor |
16 | Lekbrandstofleiding |
17 | Cilinderkopbout |
18 | Cilinderkop |
19 | Cilinderkoppakking |
20 | Centreerhuls |
W01.30-0017-06
W01.30-0018-09
Afgebeeld bij motor 904.9 |
14 | Konstantdrosselleidingen | 19 | Cilinderkoppakking | 22 | Rei | ||
17 | Cilinderkopbout | 20 | Centreerhuls | 23 | Versnellingshendel met houder (alleen bij voertuigen met code GS1, schakelkarakteristiek 'mechanisch') | ||
18 | Cilinderkop | 21 | Hefinrichting | L | Schachtlengte |
Alleen bij motor 906.9 met code GS3, schakelkarakteristiek 'hydraulisch' |
30 | Hydraulische leidingen |
31 | Klemmen |
32 | Houder |
33 | Bout |
W26.60-1011-11
| Uit-, inbouwen | ||
1 | Contact uitschakelen | ||
Gevaar | Brand-/explosiegevaar door kortsluiting en naar buiten komend knalgas. Kans op brandwonden/letsel door aantasting van ogen, huid en slijmvliezen door accuelektrolyt, kortsluiting of vlambooginslag. Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van accuelektrolyt of het opnemen van lood via de huid of lichaamsopeningen . Levensgevaarlijk is elektrische spanning U >= 30 V AC en U >= 60 V DC. | Vuur, vonken, open licht en roken verboden. Zuurbestendige handschoenen, beschermende kleding en veiligheidsbril dragen. Accuzuur uitsluitend in hiervoor bestemde en als zodanig aangeduide reservoirs doen. | |
2 | Massakabel aan accu losnemen | ||
Aanwijzing | Aanwijzingen accu | ||
3 | Onderhoudsklep openen | ||
Waarschuwing | Kans op letsel door bekneld raken bij het kantelen van de cabine. | Tijdens kantelen mogen zich geen personen bevinden in kantelgebied van cabine. Cabine altijd tot aan eindstand kantelen en met veiligheidssteun beveiligen. | |
4 | Cabine kantelen | ||
Aanwijzing | Aanwijzingen voor het kantelen van de cabine | ||
Inbouw: Cabine na controle op lekkage terugkantelen. | |||
Waarschuwing | Kans op letsel aan huid en ogen als gevolg van verbranden aan naar buiten spuitend, heet koelmiddel. Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van koelmiddel. | Koelsysteem alleen bij koelmiddeltemperaturen onder de 90 °C openen. De dop langzaam opendraaien en de overdruk laten ontwijken. Koelmiddel niet in consumptieverpakkingen doen. | |
5 | Koelmiddel aftappen | ||
Aanwijzing | Aanwijzingen koelmiddel | ||
6 | Geluidsisolatie (1) aan chassis achter uitbouwen | ||
7.1 | Versnellingshendel met houder (23) aan cilinderkop (18) demonteren | Voertuigen met code GS1, schakelkarakteristiek 'mechanisch' | |
7.2 | Klemmen (31) en houder (32) van hydraulische leidingen (30) aan cilinderkop (18) losnemen | Voertuigen met code GS3, schakelkarakteristiek 'hydraulisch' | |
8 | Turboluchtspruitstuk (2) uitbouwen |
| |
Type 673, 674, 676 | |||
9.1 | Uitlaatspruitstuk met uitlaatgasturbo (13) aan cilinderkop (18) demonteren | Type 374, 375, 673, 674, 676, 950, 952, 953, 954, 958, 970, 972, 974, 975, 976 | |
9.2 | Uitlaatspruitstuk aan cilinderkop (18) demonteren | Type 957 | |
10 | Inspuitleidingen (3) uitbouwen | ||
11 | Konstantdrosselleiding (14) aan cilinderkop (18) losnemen | ||
12 | Lekbrandstofleiding (16) aan cilinderkop (18) losnemen | ||
13 | Koelmiddelleiding compressor (15) aan cilinderkop (18) losnemen | ||
14 | Motorkabelset (11) aan temperatuursensor koelmiddel (B65) losnemen | ||
Waarschuwing | Kans op letsel aan huid en ogen als gevolg van verbranden aan naar buiten spuitend, heet koelmiddel. Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van koelmiddel. | Koelsysteem alleen bij koelmiddeltemperaturen onder de 90 °C openen. De dop langzaam opendraaien en de overdruk laten ontwijken. Koelmiddel niet in consumptieverpakkingen doen. | |
15 | Verbindingsstuk (8) aan cilinderkop (18) en aan koelmiddelpomp uitbouwen | ||
Inbouw: Aansluitstuk (10) en afdichting (7) vervangen. | |||
Bout verbindingsstuk koelmiddelpomp aan cilinderkop | |||
16 | Tuimelaarmechanisme (4) uitbouwen |
| |
Motor 904.9 vanaf motoreindnr. 039740, motor 906.9 vanaf motoreindnr. 041956 | |||
17 | Stoterstangen (6) uitbouwen | Inbouw: Erop letten dat stoterstangen (6) op de juiste wijze in de stoters worden aangebracht. | |
18 | Ophangoog achter demonteren | ||
Alleen bij type 957. | |||
19 | Cilinderkopbouten (17) uitdraaien | ||
Inbouw: Aanhaalvoorschriften van cilinderkopbouten (17) aanhouden. | |||
Cilinderkopbouten aan cilinderblok | |||
Steeksleuteldop | |||
20 | Cilinderkop (18) met hefinrichting (21) opheffen en cilinderkoppakking (19) verwijderen | ||
| Uitlaatklepveren, uitlaatklep en uitlaatklepzetelring gewijzigd | ||
| |||
Inbouw: Nieuwe cilinderkoppakking (19) met opschrift naar boven inbouwen. Erop letten dat centreerhulzen (20) op de juiste wijze worden aangebracht. | |||
Hefinrichting | |||
21 | Alle boringen van pasvlak van cilinderblok met zelf vervaardigde stoppen afsluiten | ||
| Stop voor het afsluiten van boringen | ||
| Controleren | ||
22 | Pasvlak cilinderblok controleren | ||
Zo nodig beschadigd pasvlak cilinderblok repareren. | |||
Cilinderblok - vlakheid van pasvlakken | |||
23 | Schachtlengte (L) van cilinderkopbouten (17) opmeten | Als de max. schachtlengte (L) wordt overschreden, moet de betreffende cilinderkopbout (17) worden vervangen. | |
Cilinderkop–bouten | |||
24 | Pasvlak cilinderkop op scheurtjes en beschadigingen, alsmede cilinderkoppakking (19) controleren | ||
Hoogte van cilinderkop | |||
Toelaatbare afwijking van vlakheid van onderste pasvlak in lengterichting | |||
Zo nodig cilinderkop (18) vervangen of bewerken: | |||
| |||
Pasvlak cilinderkop vlakken. | |||
| |||
25 | Inbouw in omgekeerde volgorde uitvoeren | ||
Waarschuwing | Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor. | Voertuig tegen spontaan wegrijden beveiligen. Gesloten en strak aansluitende werkkleding dragen. Geen hete of roterende onderdelen vastpakken. | |
26 | Motor starten en ca. 10 sec. stationair laten draaien totdat oliedruk is opgebouwd. Vervolgens motor met een wisselend toerental laten draaien | ||
27 | Motor afzetten en in nabijheid van cilinderkop (18) op lekkage controleren | Visuele controle. | |
28 | Motoroliepeil met oliepeilstok of op display controleren, zo nodig corrigeren | ||
Aanwijzingen motorolie | |||
Op ingestelde motoroliekwaliteit in onderhoudssysteem of Betriebsstoff-Vorschriften letten. | |||
29 | Klok van tachograaf synchroniseren | Alleen bij voertuigen met tachograaf MTCO. |
Controlewaarden cilinderblok |
Nummer | Omschrijving | Motor 902.9 met code MS8, motor 906.9 met code MS8 | Motor 904.9, motor 906.9 zonder code MS8 | ||
BE01.40-N-1013-02B | Cilinderblok - vlakheid van pasvlakken | Over totale lengte | mm | 0,030 | 0,030 |
Over een lengte van 150 mm in lengte- of dwarsrichting | mm | 0,015 | 0,015 |
904 589 01 63 00
Hefinrichting
422 589 02 09 00
Steeksleuteldop
Verwezen documenten
- ah1800n010101ha Aanwijzingen motorolie
- ah2000n208001a Aanwijzingen koelmiddel
- ah5410p000101a Aanwijzingen accu
- ah5410p000101a
- ah6080n000301a Aanwijzingen voor het kantelen van de cabine
- ar0130w580007a
- ar0130w580007a Aanhaalvoorschriften cilinderkopbouten
- ar0130w580015b
- ar0130w7162a
- ar0140w9129a
- ar0500w5521a Tuimelaarmechanisme uit-, inbouwen
- ar0500w5521c
- ar0715w9235a Inspuitleidingen MR/PLD uit-, inbouwen
- ar0941w8681a Turboluchtspruitstuk uit-, inbouwen
- ar0941w8681c
- ar1410w3915a Uitlaatspruitstuk uit-, inbouwen
- ar1410w3915jb
- ar2000w1142c
- ar2010w129002a Verbindingsstuk koelmiddelpomp naar cilinderkop uit-, inbouwen
- ar2200w100001h
- as0000z000501a Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor.
- as2000z000101a Kans op letsel aan huid en ogen als gevolg van verbranden aan naar buiten spuitend, heet koelmiddel. Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van koelmiddel.
- as5410z000101a Brand-/explosiegevaar door kortsluiting en naar buiten komend knalgas. Kans op brandwonden/letsel door aantasting van ogen, huid en slijmvliezen door accuelektrolyt, kortsluiting of vlambooginslag. Vergiftigingsgevaar door het
- as6080z000101a Kans op letsel door bekneld raken bij het kantelen van de cabine.
- bt0530n000401rh
- wf5850w010004a