Gevaar | Levensgevaarlijke afklemming of kneuzing door roterende onderdelen mogelijk tijdens het controleren op de remmentestbank | Het voertuig alleen in geval van nood verlaten zolang dit op de rollen staat. Tijdens de controle mag zich niemand onder het voertuig of in het bereik van de roterende onderdelen bevinden. In geval van nood de testbank met de NOODSTOP-knop uitschakelen. | |
Algemene aanwijzingen bij functiestoringen in remsysteem | |||
Aanwijzingen bij beoordelen van remmentests op testbanken | |||
Algemene remmentest | |||
1 | Remgedrag van bedrijfsrem en parkeerrem tijdens rijden controleren. | Alleen voor landen waar geen remmentest op rollenremmentestbank is voorgeschreven. | |
| |||
Remmentest op rollenremmentestbank | |||
2 | Aandrijving op alle wielen uitschakelen. | Type 907 met code ZG1, in-/uitschakelbare aandrijving op alle wielen, of met code ZG3, inschakelbare aandrijving op alle wielen met terreinversnelling | |
3 | Voertuig met vooras op rollenremmentestbank zetten. | ||
| 000 588 05 21 00 Rollenremmentestbank | ||
| 000 588 06 21 00 Rollenremmentestbank | ||
De transmissie moet zich tijdens de controle in de neutraalstand bevinden. | |||
4 | Vertragingswaarden van voorste bedrijfsrem meten. | | |
Controle uitvoeren terwijl motor draait, zodat een maximaal vacuüm aanwezig is. | |||
Als de afwijkingen de grenswaarden overschrijden: | |||
| |||
Oorzaak bepalen en opheffen. | |||
Tegen afzonderlijke opdracht. | |||
5 | Voertuig met achteras op rollenremmentestbank zetten. | ||
| 000 588 05 21 00 Rollenremmentestbank | ||
| 000 588 06 21 00 Rollenremmentestbank | ||
De transmissie moet zich tijdens de controle in de neutraalstand bevinden. | |||
6 | Vertragingswaarden van achterste bedrijfsrem meten. | | |
Controle uitvoeren terwijl motor draait, zodat een maximaal vacuüm aanwezig is. | |||
Als de afwijkingen de grenswaarden overschrijden: | |||
| |||
Oorzaak bepalen en opheffen. | |||
Tegen afzonderlijke opdracht. | |||
7.1 | Vertragingswaarden van mechanisch bediende parkeerrem meten. | Zonder code B25, elektrisch bediende parkeerrem | |
Als de parkeerrem wordt bediend, moet na 3 tot 4 tanden een remwerking kunnen worden vastgesteld. | |||
Als de afwijkingen de grenswaarden overschrijden: | |||
| |||
Oorzaak bepalen en opheffen. | |||
Tegen afzonderlijke opdracht. | |||
7.2 | Vertragingswaarden van elektrisch bediende parkeerrem meten. | Met code B25, elektrisch bediende parkeerrem | |
| |||
Hiervoor schakelaar van elektrisch bediende parkeerrem één maal bedienen en ingedrukt houden. Maximumwaarden vóór blokkeren van wielen documenteren. | |||
Als de afwijkingen de grenswaarden overschrijden: | |||
| |||
Oorzaak bepalen en opheffen. | |||
Tegen afzonderlijke opdracht. | |||
8 | Voertuig van rollenremmentestbank af zetten. | ||
9 | Vertragingswaarden van bedrijfsrem en parkeerrem in onderhoudsformulier noteren. |
Verwezen documenten
- ah4200n000401s Aanwijzingen bij beoordelen van remmentests op testbanken
- ah4230n200701a Algemene aanwijzingen bij functiestoringen in remsysteem
- ap4200s429001e Algemene remmentest
- as4200z000101a Levensgevaarlijke afklemming of kneuzing door roterende onderdelen mogelijk tijdens het controleren op de remmentestbank
- ws4200n0013b
- ws4200p0006b