GF42.45-P-2000E | ESP-regelkring remmoment, werking | 17.5.99 |
TYPE 163 t/m 31.8.02 met CODE 472a, elektronisch stabiliteitsprogramma (ESP)
CAN-databus
Regeleenheid
ESP/BAS
(N47-5)
Regeleenheid: ME (N3/10), EGS (N15/3), tussenbak (N78)
Omw.sensor linksvoor (L6/1)
Omw.sensor rechtsvoor (L6/2)
Omw.sensor linksachter (L6/3)
Omw.sensor rechtsachter (L6/4)
Remlichtschakelaar (S9/1)
Schakelaar parkeerremcontrole (S12)
Schakelaar ESP OFF (S76/6)
Draaisnelheidssensor ESP (B45)
Remdruksensors:
Druksensor 1 ESP (B34/1)
Druksensor 2 ESP (B34/2)
Dwarsacceleratiesensor (B43)
Stuurhoeksensor (N49)
Spanningsvoorziening klem 15
Relais remlicht-onderdrukking ESP (F1k6)
Hydraulische eenheid tractiesystemen (A7/3)
Hogedruk- en retourpomp (A7/3m1)
Magneetventiel
(A7/3y6 t/m A7/3y13 en
A7/3y24 t/m A7/3y27)
Relais hogedruk-/
retourpomp (F1k25)
Combi-instrument (A1)
Controlelampje ABS (A1e17)
Controlelampje ETS (A1e35)
Waarschuwingslampje ESP (A1e41)
Controlelampje BAS/ESP (A1e47)
Diagnosetestaansluiting X11/4
Spanningsvoorziening klem 30, 31
Rembekrachtiger
BAS (A7/7)
Magneetventiel BAS (A7/7y1)
Ontgrendelingsschakelaar BAS (A7/7s1)
Membraanwegsensor BAS (A7/7b1)
De elektrische/elektronische onderdelen regelen de betreffende functies van de regelkring remmoment. Hierbij worden een of meerdere wielen gericht afgeremd door de druk van de remvloeistof in de betreffende wielremcilinder te regelen.
Regeleenheid ESP (N47-5) wordt via zekeringen- en relaismodule (F1) van spanning voorzien.
Regeleenheid ESP (N47-5) regelt alle functies van de regelkring remmoment en heeft hiervoor de volgende signalen nodig:
4 omwentelingensensor (L6/1, L6/2, L6/3 en L6/4)
Stuurhoeksensor (N49)
Dwarsacceleratiesensor (B43)
Draaisnelheidssensor ESP (B45)
Remdruksensor 1 ESP (B34/1)
Remdruksensor 2 ESP (B34/2)
Remlichtschakelaar (S9/1)
Schakelaar parkeerremcontrole (S12)
Regeleenheid motorelektronica (ME, N3/10) via CAN-datakabel
Regeleenheid EGS (N15/3) via CAN-datakabel
Schakelaar ESP OFF (S76/6)
Ontgrendelingsschakelaar BAS (A7/7s1)
Membraanwegsensor BAS (A7/7b1)
-----------------------------------------------------------------------------------------
De ingangssignalen worden in regeleenheid ESP (N47-5) tot uitgangssignalen voor de volgende onderdelen verwerkt:
Magneetventiel BAS (A7/7y1)
Magneetventielen (A7/3y6 t/m A7/3y13 en A7/3y24 t/m A7/3y27) in hydraulische eenheid (A7/3)
Relais hogedruk-/retourpomp (F1k25) voor de aansturing van de hogedruk-/retourpomp (A7/3m1)
Relais remlichtonderdrukking ESP (F1k6)
Regeleenheid motorelektronica (ME, N3/10) via CAN-datakabel
Regeleenheid EGS (N15/3) via CAN-datakabel
Waarschuwings- en controlelampjes van combi-instrument (A1) via CAN-datakabel:
Controlelampje ABS (A1e17)
Controlelampje ETS (A1e35)
Waarschuwingslampje ESP (A1e41)
Controlelampje BAS/ESP (A1e47)
-----------------------------------------------------------------------------------------
Regeleenheid ESP (N47-5) bepaalt op basis van de ingangs-signalen welke van de 7 modi moet worden ingeschakeld:
Normale modus
ABS-regelfunctie
ETS/ASR-regelfunctie
MSR-regelfunctie (zie regelkring aandrijfkoppel)
ESP-regelfunctie
BAS-functie
Elektronische remkrachtverdeling
Functie ESP UIT
Normale modus
In de normale modus zijn er geen rij-omstandigheden die een regelfunctie vereisen. Alle magneetventielen in de hydraulische eenheid ESP (A7/3) staan in de basisstand en ontvangen geen stroom. Het systeem is gereed om te remmen. De regeling van het aandrijfkoppel is niet geactiveerd.
Deze modus is ook ingeschakeld als er een storing in ESP, BAS of ABS aanwezig is.
ABS-regelfunctie
Aan de hand van de omwentelingssignalen constateert de regeleenheid ESP (N47-5) dat aan de criteria voor een ABS-regeling is voldaan. Vervolgens worden de betreffende magneetventielen in de hydraulische eenheid aangestuurd.
De magneetventielen van de voor- en achteras in de hydraulische eenheid ESP (A7/3) worden afzonderlijk aangestuurd (4-kanaalsregeling).
-----------------------------------------------------------------------------------------
ETS/ASR-regelfunctie
Zodra een aangedreven wiel dreigt door te slippen, stuurt regeleenheid ESP (N47-5) hogedruk- en retourpomp (A7/3m1) en de betreffende magneetventielen van hydraulische eenheid tractiesystemen (A7/3) aan. De magneetventielen van de voor- en achteras in de hydraulische eenheid ESP (A7/3) worden afzonderlijk aangestuurd.
ESP-regelfunctie
In regeleenheid ESP (N47-5) worden de wielomwentelingen, de stuurhoek, de draaisnelheid en dwarsacceleratie van de wagen, alsmede de remdruk aan de drukstangzijde (DK) en de zijde van de zwevende kring (SK) door de geïntegreerde rij-omstandigheidsregelaar opgenomen en verwerkt.
Na beoordeling van de ingangssignalen worden magneetventiel BAS (A7/7y1), hogedruk- en retourpomp (A7/3m1) en de betreffende magneetventielen van hydraulische eenheid tractiesystemen (A7/3) aangestuurd om de remdruk in de afzonderlijke wielremmen in te regelen.
BAS-functie
Aan de hand van de pedaalsnelheid van het rempedaal herkent regeleenheid ESP (N47-5) een noodremming. Vervolgens wordt de BAS-functie geactiveerd (zie BAS-functie!).
-----------------------------------------------------------------------------------------
Elektronische remkrachtverdeling
Met behulp van de wielomwentelingen wordt tijdens het remmen altijd een gevoelige slipcontrole van de achterwielen uitgevoerd. Door de betreffende magneetventielen in de hydraulische snelheid aan te sturen wordt voorkomen dat de toegestane achterasslipwaarden worden overschreden.
Functie ESP UIT (ESP OFF)
Als schakelaar ESP OFF (S76/6) wordt bediend, worden de regeling va het aandrijfkoppel en de aandrijfslipregeling (MSR) uitgeschakeld.
Bovendien wordt de ESP-stabiliteitsfunctie bij het accelereren en uitrollen gedeactiveerd. Tijdens het remmen door de bestuurder blijft de ESP-stabiliteitsfunctie behouden.
Verwezen documenten
- gf4231p0001a
- gf4235p3600a
- gf4245p3000c ABS-regelfunctie, werking
- gf4245p3500c ASR-regelfunctie, werking
- gf4245p3700c ESP-regelfunctie, werking