gf4245p3000c

ABS-regelfunctie, werking

Type gf · thema 42.45 · versie 0100 · 2003-04-29

Geldig voor: TYPE 163 met CODE 472a, elektronisch stabiliteitsprogramma (ESP)

Plaats

Functiegroep 2 Onderstel › 42 Remsysteem - hydraulisch systeem en mechanisch gedeelte › 42.45 Electronic Stability Program (ESP), stabiliteitsregeling (SR) — Serie 163

GF42.45-P-3000C

ABS-regelfunctie, werking

10.5.99

TYPE 163 met CODE 472a, elektronisch stabiliteitsprogramma (ESP)

ABS-regelfunctie, werking

P42.45-2155-76

ABS-regelfunctie drukopbouw

Elke ABS-regeling begint met een normaal remproces dat de bestuurder via het rempedaal uitvoert.

De regeleenheid ESP herkent het remproces aan remlichtschakelaar (S9/1) en de vertraagde wielomwentelingen.

De remdruk wordt via beide omschakel-magneetventielen (y24 en y25) en magneetventielen (y6, y8, y10 en y12) doorgegeven. Hierbij kan tijdens een ABS-regeling de drukopbouwfase bij elk wiel afzonderlijk worden uitgevoerd.

Als wordt geremd zonder ABS-regeling, wordt de druk eveneens via de magneetventielen (y6, y8, y10, y12, y24 en y25).

b Remdruk

ABS-regelfunctie, werking

P42.45-2156-76

ABS-regelfunctie druk houden

Het in het voorbeeld beschreven regelproces en de bijbehorende ventielstanden hebben betrekking op de rem RV.

Als een wiel tijdens het remmen dreigt te blokkeren, voorkomt het ABS-systeem een verdere drukopbouw. Aan de hand van de slipwaarden van de geremde wielen leidt de regeleenheid ESP de drukhoudfase in.

De drukhoudfase wordt ingeleid door het aansturen (sluiten) van de magneetventiel (y8). Magneetventiel (y9) blijft gesloten; hierdoor blijft de druk in de remklauw RV constant.

b Remdruk

ABS-regelfunctie, werking

P42.45-2157-76

ABS-regelfunctie drukafbouw

Het in het voorbeeld beschreven regelproces en de ventielstanden hebben betrekking op de rem RV.

Aan de hand van de slipwaarden van de geremde wielen leidt de regeleenheid ESP de drukafbouwfase in.

De drukafbouwfase wordt ingeleid door het aansturen (openen) van magneetventiel (y9). Magneetventiel (y8) blijft in deze regelfase aangestuurd (gesloten).

Tijdens de drukafbouwfase stroomt remvloeistof via reservoir (11) terug in hogedruk-/retourpomp (p2). Van daaruit wordt de remvloeistof tegen de in de drukkring DK aanwezige druk in terug naar de hoofdremcilinder gepompt. Om het pompgeluid te dempen, is bij elke remkring een demper (10) aangebracht.

b Remdruk

e Gereduceerde druk

Regeleenheid ESP, plaatsing/functie/werking

GF42.45-P-4500B

Hydraulische eenheid tractiesysteem, plaatsing/functie/bouw/werking

GF42.50-P-4000C

Verwezen documenten