AR01.00-W-1200B | Compressiedruk controleren | 22.5.06 |
MOTOR 541.9 in TYPE 950, 952, 953, 954
MOTOR 542.9 in TYPE 950, 952, 954
W01.00-0015-09
1 Verstuiverhoudercombinatie
2.1 Aansluitstuk
2.2 Spanbeugel
3.1 Compressiemeter
3.2 Hoekaansluiting
3.3 Diagramblad
4 Bout
5 Afdichtring
S10 Startschakelaar (drukknopschakelaar motorstart)
S11 Stopschakelaar (drukknopschakelaar motorstop)
Wijziging
| Uitbouwen | ||
Gevaarlijk! | Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor. | Wagen tegen spontaan wegrijden beveiligen. | |
1 | Kleppen stellen | Kleppen alleen stellen als de motor koud of geheel warm is. | |
2 | Motor op bedrijfstemperatuur brengen | Koelmiddeltemperatuur ca. 70-95 °C | |
3 | Verstuiverhoudercombinaties (1) uitbouwen | ||
4 | Aansluitstuk (2.1) met afdichtring (5) inbouwen en met spanbeugel (2.2) vastklemmen | Spanbeugel met geschikte bout (4) vastschroeven. | |
| |||
5 | Motor meerdere malen met startmotor laten ronddraaien door beide drukknopschakelaars (S10, S11) gelijktijdig in te drukken | De motor slaat niet aan als de beide drukknopschakelaars gelijktijdig worden ingedrukt. | |
6 | Compressiemeter (3.1) en hoekaansluiting (3.2) aan elkaar monteren | | |
7 | Compressiemeter (3.1) met aansluitstuk (2.2) verbinden | | |
| |||
8 | Diagramblad (3.2) in compressiemeter (3.1) aanbrengen | | |
Controleren | |||
9 | Motor meerdere malen met startmotor laten ronddraaien door beide drukknopschakelaars (S10, S11) gelijktijdig in te drukken | Minstens 8 maal. | |
10 | Overige cilinders op dezelfde wijze controleren | ||
11 | Meetwaarden op diagramblad (3.2) met toelaatbare waarden vergelijken | Als de minimale compressiedruk niet wordt gehaald of als het toelaatbare verschil tussen de afzonderlijke cilinders wordt overschreden, oorzaak bepalen en verhelpen. | |
| Inbouwen | ||
12 | Compressiemeter (3.1) en aansluitstuk (2.1) met afdichtring (5) losnemen | ||
13 | Verstuiverhoudercombinaties (1) inbouwen |
Controlewaarden compressiedruk
Nummer | Omschrijving | Motor | |
BE01.00-N-1001-01B | Compressiedruk, slijtagegrens of grenswaarde bij startmotortoerental | bar | 28 |
BE01.00-N-1002-01B | Compressiedruk, toelaatbaar verschil tussen de afzonderlijke cilinders | bar | 4 |
Dieselinspuitsysteem met insteekpompen (MR/PLD)
Nummer | Omschrijving | Motor 541.9, 542.9 | ||
BA07.15-N-1003-01B | Bout spanbeugel verstuiver en Konstantdrossel aan cilinderkop | Nm | 50 | |
001 589 78 21 00
904 589 01 21 00
Aansluitstuk
Compressiemeter
Verwezen documenten
- ap0530w0560a Kleppen stellen
- ar0703w6831b Verstuiverhoudercombinatie uit-, inbouwen
- as0000z000501a Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor.