ad3035l5000a

Motorregeling wagen (FMR), diagnose storingen opsporen

Type ad · thema 30.35 · versie 0102 · 2003-06-06

Geldig voor: MOTOR 904 in TYPE 668, 670

Plaats

Functiegroep 1 Motor › 30 Regeling, snelheidsregeling › 30.35 Voertuig-Motor-Regeling (FMR) — Serie 668 · Serie 670 · Serie 904

AD30.35-L-5000A

Motorregeling wagen (FMR), diagnose storingen opsporen

7.10.97

MOTOR 904 in TYPE 668, 670

Motorregeling wagen (FMR), diagnose voorkennis

AD30.35-L-2001A

Klacht

Mogelijke oorzaak

Aanwijzing

Maatregelen

Laag motorvermogen

Regeleenheid PLD herkent:

oliedruk te laag

turbodruk te laag

Oliedruksensor controleren (bij 600/min >0,5 bar)

Als motor is afgezet, turbodruk vergelijken met atmosferische druk

(max. 200 mbar)

Turboluchttemperatuur te hoog

Brandstoftemperatuur te laag

Koelmiddeltemperatuur te hoog

Wagen moet langere tijd hebben stilgestaan (motor afgekoeld).

Thermische afregeling wordt geactiveerd.

Plausibiliteitscontrole voor temperatuursensor uitvoeren

Regeleenheid PLD defect (uitval hoofdcomputer)

Regeleenheid MR defect

Motor bevindt zich in noodloop (1300/min).

Motor bevindt zich in noodloop (1300/min).

Storingsgeheugen regeleenheid FMR uitl.

AD30.35-L-4001A

Storingsgeheugen regeleenheid PLD uitlezen,

zo nodig FMR-parameters en werkelijke waarden controleren. Regeleenheid FMR bij wijze van proef vervangen.

Magneetventiel in insteekpomp vertoont lekkage.

Scheur in insteekpomp.

Verstuiver defect.

Verbindingen van drukbuisverbindingsstuk vertonen lekkage.

Hogedrukzijde van insteekpomp naar verstuiver en hoeveelheid lekbrandstof controleren.

Brandstoflagedruksysteem niet in orde.

Overstroomventiel vertoont lekkage.

Brandstoffilter verstopt.

Druk in brandstoflage-druksysteem controleren (5,5 tot 6,5 bar)

Motorremklep defect

Werking controleren, visuele controle uitvoeren

Compressiedruk te laag.

Konstantdrossel defect.

Compressiemeting met STAR DIAGNOSE (motortest) uitvoeren.

Konstantdrossel defect

Element insteekpomp klemt

Aandrijving insteekpomp defect

Insteekpomp met STAR DIAGNOSE (motortest) afzonderlijk na elkaar uitschakelen (motor-reactie controleren).

Oliedruk te laag

Oliedruk controleren

Defect aan turbo of in gehele verbrandingsluchtsysteem.

Rookbegrenzing wordt geactiveerd.

Turbodruk bij belasting controleren. Luchtfilter, luchtslangen/-buizen turboluchtkoeler op lekkage controleren.

Motor zaagt, schudt of loopt onregelmatig

Gaspedaal staat niet volledig in de ruststand (stationaire stand wordt niet bereikt door vuil, verontreinigingen, enz.). Gaspedaal niet juist gecodeerd.

Koppelverzoek FMR (werkelijke waarde 02 van PLD) controleren.

Polen krukasstandsensor omgewisseld

Polen BDP-sensor (nokkenasstandsensor) omgewisseld

Als de motor in noodloop beter draait, zijn de polen van de losgenomen omwentelingensensor omgewisseld.

Aansluiting controleren met STAR DIAGNOSE (motortest). Krukasstandsensor of BDP-sensor losnemen.

Gaspedaal mechanisch defect (uitgeslagen, terugdrukveer lam etc.).

Koppelverzoek FMR (werkelijke waarde 02 van PLD) controleren.

Brandstoflagedruksysteem niet in orde.

Koppelverzoek FMR (werkelijke waarde 02 van PLD) controleren.

Uitval hogedrukgedeelte (van insteekpomp tot verstuiver).

Verbindingen van insteekpomp, leiding, drukbuisverbindingsstuk en verstuiver vertonen lekkage.

Druk in brandstoflage-druksysteem controleren (5,5 tot 6,5 bar), systeem op lekkage controleren.

Brandstofverbruik te hoog

Regeleenheid PLD herkent een te hoge brandstoftemperatuur.

Wagen moet langere tijd hebben stilgestaan (tot motor is afgekoeld).

Plausibiliteitscontrole voor temperatuursensor uitvoeren.

Drukzijde naar compressor (turbo) vertoont lekkage.

Zie ook Storingen opsporen bij vermogensgebrek.

Op lekkage controleren

Verbindingen van insteekpomp, leiding, drukbuisverbindingsstuk en verstuiver vertonen lekkage (hoge druk).

Zie ook Storingen opsporen bij vermogensgebrek.

Visuele controle, op lekkage controleren.

Motor start moeilijk

Regeleenheid PLD herkent een te hoge koelmiddeltemperatuur

Plausibiliteitscontrole voor temperatuursensor uitvoeren.

Regeleenheid PLD defect (uitval hoofdcomputer)

Noodloop 1300/min

Storingsgeheugen regeleenheid FMR uitlezen

AD30.35-L-4001A

zo nodig regeleenheid PLD vervangen.

Brandstoflagedruksysteem niet in orde

Druk in brandstoflage-druksysteem controleren (5,5 tot 6,5 bar), systeem op lekkage controleren.

Magneetventiel in insteekpomp vertoont lekkage.

Insteekpomp defect

Insteekpomp bij wijze van proef vervangen.

Inspuitleiding, drukbuisverbindingsstuk of verstuiver defect

Onderdelen controleren, zo nodig vervangen.

Konstantdrossel defect (indien aanwezig)

Witte rook na het starten

Luchtdrukaansturing controleren (pneuma-tica). Compressiemeting met STAR DIAGNOSE (motortest) uitvoeren. Insteekpomp met STAR DIAGNOSE (motortest) afzonderlijk na elkaar uitschakelen (motor-reactie controleren).

Motor rookt zwart

Regeleenheid PLD herkent:

Turbodruk te hoog

Turboluchttemperatuur te laag

Koelmiddeltemperatuur te laag tijdens starten

Brandstoftemperatuur te hoog

Regeleenheid PLD defect (uitval hoofdcomputer)

Wagen moet langere tijd hebben stilgestaan (motor afgekoeld).

Als de klacht alleen optreedt bij het veran-deren van belasting of toerental en bij het schakelen, zijn de turbodruk en de turbo-luchttemperatuur de oorzaak.

Noodloop 1300/min

Als motor is afgezet, de turbodruk vergelijken met atmosferische druk

(max. 200 mbar).

Plausibiliteitscontrole voor temperatuursensor uitvoeren.

Storingsgeheugen regeleenheid FMR uit-lezen, zo nodig regel-eenheid PLD vervangen.

Verstuiver defect

Visueel op koolaanslag en verstopte verstuiver-openingen controleren. Verstuiverdruk stand 1 (250 bar) controleren (verstuiverdruk stand 2 kan niet worden gecontroleerd).

Motorremklep defect

Werking controleren of visuele controle uitvoeren.

Turbo defect, turboluchtbuis defect of luchtfilter verontreinigd

Visuele controle uitvoeren, turbodruk en aanzuigdruk meten.

Konstantdrossel defect (indien aanwezig)

Compressiemeting met STAR DIAGNOSE uitvoeren.

Trekkrachtonderdrukking

Haperend contact in spanningsvoorziening

Schommelingen in spanningsvoorziening

Onjuist snelheidssignaal (korte tijd 88 km/h)

Storingen worden niet herkend door diagnose-functies in regeleen-heden FMR en PLD.

Poolklemmen van accu controleren op vastzitten en corrosie. 15-polige connector aan regeleenheid PLD controleren op vastzitten en corrosie. Storingsgeheugen van regeleenheid FMR uitlezen. Testrit maken met STAR DIAGNOSE (werkelijke waarde 17 en 19 van PLD).

Brandstoflagedruksysteem niet in orde

Druk in brandstoflage-druksysteem controleren (5,5 tot 6,5 bar), systeem op lekkage controleren.

Laag motorremvermogen

Defect in FMR-systeem

Storingsgeheugen van regeleenheid FMR uitlezen. Voetschakelaar (werkelijke waarde 29 van FMR) en aansturing van motorrem en, zo nodig Kostantdrossel, controleren:

als de wagen stilstaat kortstondig "volgas geven", vervolgens gas-pedaalsensor loslaten en snel voetschakelaar motorrem bedienen. Als het magneetventiel schakelt (hoorbaar), is de FMR-aansturing in orde.

Konstantdrossel defect (indien aanwezig)

Luchtdrukaansturing controleren (pneumatiek).

Motorremklep defect

Werking controleren of visuele controle uitvoeren.

Motor slaat spontaan af

Totale uitval van regeleenheid PLD

Regeleenheid PLD vervangen.

Polen krukasstandsensor omgewisseld

Polen BDP-sensor (nokkenasstandsensor) aangesloten

Als de motor in nood-loop beter draait, zijn de polen van de losge-nomen omwente-lingensensor omge-wisseld.

Aansluiting controleren met STAR DIAGNOSE (motortest). Krukasstandsensor of BDP-sensor losnemen.

Spanningsvoorziening onderbroken

Kabelset met 15-polige connector controleren.

Kortsluiting in bekabeling naar of aan stopknop als motor draait

Knop en motorkabelset met 55-polige connector controleren.

Regeleenheid FMR defect

Regeleenheid FMR bij wijze van proef vervangen.

Brandstoflagedruksysteem niet orde

Aandrijving van brandstofopvoerpomp defect

Druk in brandsstoflage-druksysteem controleren (5,5 tot 6,5 bar), systeem op lekkage controleren.

Motor wordt te heet

Regeleenheid PLD herkent te hoge koelmiddeltemperatuur

Wagen moet langere tijd hebben stilgestaan (motor afgekoeld).

Plausibiliteitscontrole voor temperatuursensor uitvoeren.

Motor regelt te vroeg af (maximum-toerental en -snelheid worden niet bereikt).

Onjuist geparametreerde regeleenheid FMR

Storingsgeheugen regeleenheid FMR uitlezen, zo nodig FMR-parameter en werkelijke waarden controleren. Regeleenheid FMR bij wijze van proef vervangen.

Regeleenheid PLD herkent een te hoog toerental

Signaal krukasstand-sensor controleren (stoorsignalen).

Motor in noodloop (constant toerental 1300/min)

CAN-kabel defect

Regeleenheid PLD defect

(uitval hoofdcomputer, CAN-processor)

Regeleenheid FMR defect

CAN-kabels op onderbreking en onderlinge kortsluiting, kortsluiting naar massa en UB+ controleren.

Regeleenheid FMR bij wijze van proef vervangen. Regeleenheid PLD bij wijze van proef vervangen.

Verwezen documenten