Regeleenheid ME (N3/10), interne storing in veiligheidsprocessors | ||
1 | Storingscode ( Aanduiding op generic scan tool) | 0872 Controle elektronisch gaspedaal (P2638) 0876 Controle toerentalsignaal (P0385) 0889 (P0607) 0890 Controle openingshoek (P0607) 0891 Controle A/D-omvormer (P0607) 0893 Controle mengselaanpassing (P0607) 0894 (P0607) 0895 Controle variantcodering (P0607) 0897 Controle A/D-omvormer (P0607) 0898 Controle A/D-omvormer (P0607) 0900 Controle lambdaregeling (P0607) 0904 Controle sensor gaspedaal (P0607) |
2 | Opslag storing Aansturing van controlelampje motordiagnose (EURO4) of CHECK ENGINE (MIL) | Na afloop van controleduur en storing Na twee opeenvolgende rijcycli (driving-cycle) met storing |
3 | Frequentie van controle | Voortdurend |
4 | Controleduur | Kleiner dan 1 sec. |
5 | Voorwaarden voor controle | Motortoerental groter dan 1500 omw./min. |
6 | | De veiligheidsprocessors controleren het elektronische gaspedaal om onjuiste reacties zoals plotseling accelereren uit te sluiten. De veiligheidsprocessors in de regeleenheid ME werken parallel en onafhankelijk van de eigenlijke functieprocessors. Als de afwijkingen van de veiligheidscompressor ten opzichte van de functieprocessor te groot zijn, wordt een storing opgeslagen. Bij een storing wordt de noodloopfunctie geactiveerd. Als bovendien onderdeelstoringen, zoals voor de sensor gaspedaal, Hall-sensor krukas, druksensor (inlaatspruitstuk), hittefilm-luchtmassameter of de O2-sondes zijn opgeslagen, eerst de onderdelen en de kabels controleren. In alle andere gevallen de regeleenheid ME vervangen. |