ad3233s3003a

Elektronische niveauregeling NR (ENR) diagnose functiecontrole

Type ad · thema 32.33 · versie 0101 · 2003-06-06

Geldig voor: TYPE 638 met CODE (CL0) luchtvering achter verlagen/verhogen

Plaats

Functiegroep 2 Onderstel › 32 Vering › 32.33 Niveauregeling (NR/ENR) — Serie 638

AD32.33-S-3003A

Elektronische niveauregeling NR (ENR) diagnose functiecontrole

28.8.97

TYPE 638 met CODE (CL0) luchtvering achter verlagen/verhogen

Elektronische niveauregeling (ENR) diagnose voorkennis

AD32.33-S-2001A

Elektronische niveauregeling - ENR (NR) plaatsing van de onderdelen

GF32.33-S-0001-02A

Tijdens de testprocedure de beladingstoestand van de wagen niet veranderen (in-/uitstappen).

Enkele tijdparameters kunnen relatief lang uitvallen, omdat de wagen onder bepaalde omstandigheden vol beladen is.

Het is niet mogelijk om de luchtbalgen met de HHT "eenzijdig te vullen" omdat onjuist gebruik van de procedure tot compressorschade kan leiden.

a

Accuspanning 11-14V

b

Zekeringen in orde

c

Systeem volledig aangesloten (stekkerverbindingen, kabels en luchtslangen)

d

HHT aangesloten

AD00.00-S-2000-03A

e

Wagen op een vlakke ondergrond geparkeerd

f

Wagen beveiligen tegen wegrollen (indien zo mogelijk bij de vooras)

Functiecontrole

Test

menukeuze

Bediening/voorwaarde

Normwaarde

Mogelijke oorzaak/maatregelen

1

Storingsgeheugen uitlezen

Storingen aanwezig

AD32.33-S-6000A

2

Ingangen testen

Alle ingangen/werkelijke waarden in de juiste volgorde testen (eventueel toetsen, contact etc. bedienen).

Starttoest.: motor UIT, alle deuren gesl.

- Contact: AAN

- Startmotor: bedienen

- Motor: stationair

- Servicetoets ENR

- Toets Handmatig

(Code CL0) Stand: Omhoog

- Toets Handmatig

(Code CL0) Stand: Omlaag

- Remlichtschakelaar

- Achterdeur en één of twee

schuifdeuren afzonderlijk openen

en weer sluiten

- Contact uit- en inschakelen

- Eerste ingebruikname

- Snelheid bij het

langzaam rijden en bij

stilstand controleren

AAN

AAN

AAN

Afhankelijk van de bediening: in ruststand of ingedrukt

Afhankelijk van de bediening: In ruststand of ingedrukt

Afhankelijk van de bediening: In ruststand of ingedrukt

Afhankelijk van de bediening van rempedaal: AAN of UIT

Afhankelijk van de bediening van de deuren: OPEN of GESLOTEN

Controlelampje in combi-instrument brandt ca. 2 sec.

Uitgevoerd

Melding op de HHT vergelijken met de melding op het combi-instrument.

Vanaf 30 km/h wordt de melding op de HHT onnauwkeurig.

3

Verhogen/verlagen

- Functie "Verhogen/verlagen" selecteren

- Linker en rechter uitgangsniveau en niveauverschil tussen linker en rechter hoogtesensor noteren. Tijdens de procedure toestand van aftapventiel en compressor beoordelen en de wisselingen van de dwarsblokkeerventielen tellen.

Tijdens het kalibreren, verhogen of verlagen met de HHT kan de regeling onder bepaalde omstandigheden geblokkeerd raken. Dit wordt veroorzaakt door de uitschakeling bij te lage spanning of de temperatuurbegrenzing van de compressor.

Hetzelfde geschiedt wanneer tijdens de procedure een storing in het storingsgeheugen wordt opgeslagen.

Meestal kunt u de verhoging of verlaging na een korte wachttijd voortzetten.

Verhogen

- Toets F1 (VERHOGEN) bedienen

Ten minste 30 sec. verhogen om een goede indruk van de reactie van de wagen te verkrijgen!

- Verhoging via toets F3 (STOPPEN) beëindigen of de HHT de procedure na 200 sec. automatisch laten afbreken

Beoordelingsresultaten:

- Niveauwijziging:

Niveaugegevens met uitgangsniveaus vergelijken:

- Nieuw niveau ten minste 5 mm hoger dan voordien.

- Niveau nog altijd

4 mm van het oude niveau.

Verhoging herhalen en eventueel luchtaansluitingen op lekkage testen.

Elektrische aansluiting van rechter en linker hoogtesensor ver-wisseld! Fout verhelpen en opnieuw beginnen!

- Ventielwisseling:

Tijdens de verhoging de ventielwisselingen (dwarsblokkeer-entiel links/rechts) tellen. Som beoordelen na afloop van de verhoging:

Som > 2

Mogelijk zijn de luchtaansluitingen rechts/links of de magneetaansluitingen van de dwarsblokkeer-ventielen rechts/links verwisseld. Opnieuw testen bij een toereikende verhogingsafstand.

- Toewijzing luchtaansluitingen:

Tijdens de verhoging niveauverschil tussen hoogtesensor rechts/links in vergelijking met het eerst vastgestelde niveauverschil testen:

Verschil > Oude verschil + 4 mm

Luchtaansluitingen rechts/links of de magneetaansluitingen van de dwarsblokkeer-ventielen rechts/links zijn verwisseld.

- Aftapventiel:

UIT

- Compressor:

Tijdens de verhoging AAN, na beëindiging UIT

Verlagen

- Toets F2 (VERLAGEN) bedienen

- Verlaging uiterlijk na 50 sec. via F3 (STOPPEN) beëindigen.

Beoordelingsresultaten:

- Niveauwijziging:

Niveaugegevens met uitgangsniveaus vergelijken:

Nieuw niveau ten minste 5 mm lager dan voordien.

Niveau nog altijd 4 mm van het oude niveau.

Verlaging herhalen en zo nodig de werking van de dwars-blokkeerventielen en het aftapventiel testen..

Elektrische aansluiting van rechter en linker hoogtesensor ver-wisseld! Fout verhelpen en opnieuw beginnen!

- Ventielwisseling:

Tijdens de verlaging de ventielwisselingen (dwarsblokkeer-ventiel links/rechts) tellen. Som beoordelen na afloop van de verhoging:

Som > 2

Mogelijk zijn de luchtaansluitingen rechts/links of de magneetaansluitingen van de dwarsblokkeer-ventielen rechts/links verwisseld. Opnieuw testen bij een toereikende verlagingsafstand.

- Toewijzing luchtaansluitingen:

Tijdens de verlaging niveau-verschil tussen hoogtesensor rechts/links in vergelijking met het eerst vastgestelde niveauverschil testen:

Verschil > Oude verschil + 4 mm

Luchtaansluitingen rechts/links of de magneetaansluitingen van de dwarsblokkeerventielen rechts/links zijn verwisseld.

- Aftapventiel:

Tijdens de verlaging AAN, na beëindiging UIT

- Compressor:

UIT

4

Compressortype opvragen

- Wagens met SA "luchtvering achter verlaagbaar/verhoogbaar" (code CL0)

- Wagens zonder SA "luchtvering achter verlaagbaar/verhoogbaar"

Compressor met hoog vermogen (210 W)

Compressor met laag vermogen (130 W)

Bij onjuist ingestelde parameters:

- Parameters van compressortype opnieuw instellen.

5

Storingsgeheugen

Storingsgeheugen uitlezen

Aanwezige storingen verhelpen en storingsgeheugen wissen.

AD32.33-S-4001A

Storingen die vanwege het losnemen van stekkers en stekker-verbindingen bij ingeschakeld contact of vóór het verstrijken van de wachttijd van de regeleenheid (ca. 10 sec) zijn opgeslagen, moeten worden gewist.

6

Functiecontrole beëindigen

Als de servicemodus of handmatige modus na het testen van de werking niet meer benodigd is, moet de regeleenheid weer in de automatische modus worden gezet!

Verwezen documenten