AP42.50-D-4280B | Hydraulisch remsysteem - remvloeistof verversen | 8.3.07 |
TYPE 667, 668, 670 met MOTOR 602
TYPE 668, 670 met MOTOR 904
TYPE 668, 670 met MOTOR 900.9
N42.50-2015-01
Afgebeeld bij op luchtdrukremsysteem
1a Reservoir achterasremkring
1b Reservoir voorasremkring
N42.50-0209-01
Afgebeeld bij vacuümbekrachtigd remsysteem
1 Reservoir
N42.50-0206-01
2 Ontluchtingsbout
N42.50-0207-01
N25.20-0212-01
Afgebeeld bij koppelingswerkcilinder met vacuümbekrachtigd remsysteem
3 Ontluchtingsbout
Gevaarlijk! | Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van remvloeistof. Kans op letsel door huid- en oogcontact met remvloeistof. | Remvloeistof uitsluitend in hiervoor bestemde en als zodanig aangeduide reservoirs doen. Bij het omgaan met remvloeistof beschermende kleding en een veiligheidsbril dragen. | |
| Aanwijzingen remvloeistof | Alle typen | |
1 | Vloeistofniveau in reservoir (1,1a,1b) met tape (bijvoorbeeld isolatietape) markeren | Als het vloeistofniveau in reservoir (1, 1a, 1b) zich na het verversen van de remvloeistof boven het gemarkeerde niveau bevindt, bestaat het gevaar dat er zich bijvoorbeeld bij het vervangen van de remblokken te veel vloeistof in het reservoir bevindt of dat de vloeistof overstroomt. | |
2 | Remvloeistof in reservoir (1, 1a, 1b) afzuigen | Remvloeistof in reservoir (1) tot een rest van ca. 10 mm afzuigen. | |
Bij het luchtdrukbekrachtigde remsysteem moeten beide reservoirs (1a,1b) worden geledigd. | |||
3 | Ontluchtingsapparaat op reservoir (1) aansluiten | Met vacuümbekrachtigd remsysteem De handleiding van de fabrikant aanhouden. | |
4 | Automatische remkrachtregelaar in vollaststand zetten | Met vacuümbekrachtigd remsysteem | |
5 | Aftapslang op ontluchtingsbout (2) aansluiten | Met vacuümbekrachtigd remsysteem Aftapslang van remvloeistofopvangreservoir op ontluchtingsbout (2) aan remklauw aansluiten. | |
Bij het verversen van de remvloeistof beginnen bij de remklauw met de langste leiding. | |||
6 | Ontluchtingsbout (2) openen, sluiten | Met vacuümbekrachtigd remsysteem Ontluchtingsbout (2) aan elke remklauw open houden totdat nieuwe remvloeistof zonder dampbellen naar buiten stroomt. Vervolgens ontluchtingsbout (2) sluiten. | |
Remvloeistof | |||
7 | Aftapslang op ontluchtingsbout (3) aansluiten | Aftapslang van remvloeistofopvangreservoir op ontluchtingsbout (3) aan koppelingswerkcilinder aansluiten. | |
8 | Ontluchtingsbout (3) openen, sluiten | Ontluchtingsbout (3) aan koppelingswerkcilinder open houden totdat nieuwe remvloeistof zonder dampbellen naar buiten stroomt. Vervolgens ontluchtingsbout (3) sluiten. | |
9 | Automatische remkrachtregelaar in uitgangsstand terugzetten | Met vacuümbekrachtigd remsysteem | |
10 | Ontluchtingsapparaat losnemen | Met vacuümbekrachtigd remsysteem Handleiding van de fabrikant aanhouden. | |
11 | Vloeistofniveau in reservoir (1) corrigeren | Met vacuümbekrachtigd remsysteem Vloeistofniveau op de gemarkeerde stand van vóór het verversen van de remvloeistof terugbrengen. | |
12 | Ontluchtingsapparaat eerst op reservoir (1a) van achterasremkring, vervolgens op reservoir (1b) van voorasremkring aansluiten | Met luchtdrukbekrachtigd remsysteem Eerst remvloeistof in achterasremkring, vervolgens die in voorasremkring verversen. | |
De handleiding van de fabrikant aanhouden. | |||
13 | Aftapslang op ontluchtingsbout (2) aansluiten | Met luchtdrukbekrachtigd remsysteem Aftapslang van remvloeistofopvangreservoir op ontluchtingsbout (2) aan remklauw aansluiten. | |
Bij het verversen van de remvloeistof beginnen bij de remklauw met de langste leiding. | |||
14 | Ontluchtingsbout (2) openen, sluiten | Met luchtdrukbekrachtigd remsysteem | |
Ontluchtingsbout (2) aan elke remklauw open houden totdat nieuwe remvloeistof zonder dampbellen naar buiten stroomt. Vervolgens ontluchtingsbout (2) sluiten. | |||
Remvloeistof | |||
15 | Ontluchtingsapparaat aan reservoir (1b) van voorasremkring losnemen | Met luchtdrukbekrachtigd remsysteem | |
Handleiding van de fabrikant aanhouden. | |||
16 | Vloeistofniveau in reservoirs (1a,1b) corrigeren | Met luchtdrukbekrachtigd remsysteem | |
Vloeistofniveau van beide reservoirs (1a, 1b) op het niveau vóór het verversen van de remvloeistof terugbrengen. | |||
17 | Sticker in motorruimte aanbrengen | Sticker voor eerstvolgende remvloeistofverversing op goed zichtbare locatie in motorruimte aanbrengen. |
Remsysteem
Verwezen documenten
- ah4250p000101a Aanwijzingen remvloeistof
- as4250z000101a Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van remvloeistof. Kans op letsel doorhuid- en oogcontact met remvloeistof