ar4010p1040a

Wielen uitbalanceren

Type ar · thema 40.10 · versie 0117 · 2012-01-31

Geldig voor: TYPE 124, 129, 140, 163, 168, 170, 171, 202, 203, 208, 209, 210, 211, 215, 220, 230, 231, 240 TYPE 414

Plaats

Functiegroep 2 Onderstel › 40 Wielen, wieluitlijning › 40.10 Velgen, banden — Serie 124 · Serie 129 · Serie 140 · Serie 163 · Serie 168 · Serie 170 · Serie 171 · Serie 202 · Serie 203 · Serie 208 · Serie 209 · Serie 210 · Serie 211 · Serie 215 · Serie 220 · Serie 230 · Serie 231 · Serie 240 · Serie 414

EinPAS 20 Onderstel › 20.30 Velg/band › 20.30.30 Velg/band/reservewiel — Serie 124 · Serie 129 · Serie 140 · Serie 163 · Serie 168 · Serie 170 · Serie 171 · Serie 202 · Serie 203 · Serie 208 · Serie 209 · Serie 210 · Serie 211 · Serie 215 · Serie 220 · Serie 230 · Serie 231 · Serie 240 · Serie 414

AR40.10-P-1040A

Wielen uitbalanceren

19.1.12

TYPE 124, 129, 140, 163, 168, 170, 171, 202, 203, 208, 209, 210, 211, 215, 220, 230, 231, 240

TYPE 414

Wielen uitbalanceren

P40.10-0215-01

43b Kleefgewicht

43c Kleefgewicht

Uitbalanceren

Aanwijzingen bij standvlakken banden

AH40.10-P-1030-01A

1.1

Balanceergewicht (43a) met bevestigingsklem verwijderen

*124589176300

1.2

Kleefgewichten (43b, 43c) met demontagegereedschap verwijderen

*129589005900

Kleefgewichten bij lichtmetalen velgen met beperkte inbouwverhoudingen gebruiken.

Reinigen

2

Zo nodig velgen reinigen

Verontreinigingen aan band of velg zorgen bij het balanceren voor onjuiste meetresultaten en moeten daarom altijd vóór het uitbalanceren worden verwijderd!

Wielen stationair uitbalanceren

3

Centreerhuls monteren

Centreerconus

gotis://F_40.1_02.0

AR40.10-P-1040-01A

4

Hoogteslag van velgen controleren

De hoogteslag van het wiel mag maximaal 1.0 mm bedragen. Bij stalen velgen kan door het draaien van de band eventueel een gunstigere ligging van beide onderdelen ten opzichte van elkaar tot stand worden gebracht. Dit is echter alleen mogelijk als met zekerheid geen stand- of remvlakken aanwezig zijn.

5

Wielen op stationaire balanceermachine bevestigen en uitbalanceren

Alleen goedgekeurde balanceermachines gebruiken en gebruikshandleiding van de fabrikant aanhouden.

De resterende onbalans mag per wielzijde maximaal 10 gram bedragen.

Type 140 en type 210 met code 979, gepantserde uitvoering
Instelwaarde op balanceermachine bij gepantserde wagens met CTS-wielen

AR40.10-P-1040-04A

Wielen dynamisch uitbalanceren

6

Elektronisch stabiliteitsprogramma ESP uitschakelen

7

Portieren, motorkap en kofferdeksel sluiten

Gevaarlijk!

Levensgevaarlijk is het beklemd raken tussen roterende onderdelen

Geen roterende delen vastpakken.
Gesloten en strak aansluitende werkkleding dragen.
Roterende onderdelen afschermen.

AS00.00-Z-0004-01A

8

Wielen met dynamische balanceermachine aan wagen uitbalanceren

Alleen goedgekeurde balanceermachines gebruiken en gebruikshandleiding van de fabrikant aanhouden.

Wielen alleen aan wagen nabalanceren als deze stationair zijn uitgebalanceerd.

Stalen velgen met wieldoppen uitbalanceren.

Achterwielen alleen aandrijven met wagenmotor, omdat anders het achterasmiddenstuk wordt beschadigd.

Type 124.2/3 uitbalanceren bij wagens met 4MATIC

AR40.10-P-1040-02A

9

Elektronisch stabiliteitsprogramma ESP inschakelen

Wielen uitbalanceren
Wielen uitbalanceren

124 589 17 63 00

129 589 00 59 00

Demontagegereedschap

Montagegereedschap

Verwezen documenten