ap8210s8251e

Koplampen en buitenverlichting op werking controleren

Type ap · thema 82.10 · versie 0103 · 2015-12-22

Geldig voor: Type 447 Type 448

Plaats

Functiegroep 3 Opbouw/carrosserie › 82 Elektrische installatie, opbouw/carrosserie › 82.10 Uitwendige verlichting — Serie 447 · Serie 448

EinPAS 30 Verlichtingssysteem › 30.15 Exterieurverlichting › 30.15.1 Basisinformatie — Serie 447 · Serie 448

AP82.10-S-8251E

Koplampen en buitenverlichting op werking controleren

07.12.2015

Type

447

Type

448

Koplampen en buitenverlichting op werking controleren

S82.10-4585-08

Afgebeeld bij type 447.8 met code LG2, led-Intelligent Light System

1

Lichtschakelaar

5

Schakelaar mistachterlicht

Stellung D

Knipperlicht rechts

2

Helderheidsregelaar instrumentenverlichting

Stellung A

Middenstand

Stellung E

Knipperlicht links

3

Schakelaar alarmknipperlichtinstallatie

Stellung B

Grootlicht

4

Combischakelaar

Stellung C

Lichtsignaal

Controleren

1

Werking parkeerlicht links en rechts na elkaar controleren

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

2

Werking van alarmknipperlichtinstallatie en bijbehorend controlelampje controleren

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

3

Werking van standlicht, achterlichten en kentekenplaatverlichting, alsmede bijbehorend controlelampje controleren

Hiervoor contact inschakelen.
Afhankelijk van de uitrusting kan andere verlichting zijn ingebouwd, bijvoorbeeld zijmarkeringslichten. De werking van deze verlichting moet eveneens worden gecontroleerd.

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

4

Werking van dimlicht en bijbehorend controlelampje controleren

Combischakelaar (4) in middenstand (stand A) zetten.

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

5

Werking koplamphoogteverstelling controleren

Behalve code LG2, led-Intelligent Light System

Hiervoor alle standen van schakelaar koplamphoogteverstelling achter elkaar inschakelen, vervolgens schakelaar koplamphoogteverstelling in stand '0' draaien.

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

6

Werking van grootlicht (stand B) en bijbehorend controlelampje controleren

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

7

Werking van lichtsignaal (stand C) en bijbehorend controlelampje controleren

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

8

Werking mistachterlicht en bijbehorend controlelampje controleren

Lichtschakelaar (1) in stand 'auto' of 'dimlicht'.

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

9

Werking mistlampen en bijbehorend controlelampje controleren

Met code L16, mistlampen voor, halogeen, of met code LG2, led-Intelligent Light System
Lichtschakelaar (1) in stand 'auto' of 'dimlicht', combischakelaar (4) in middenstand (stand A).

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

10

Verlichting uitschakelen

11

Werking van knipperlicht links (stand E) en knipperlicht rechts (stand D) na elkaar controleren en bijbehorende controlelampjes controleren

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

12

Werking achteruitrijlichten controleren

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

13

Werking remlichten controleren

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

14

Parkeerrem aantrekken

Gevaarlijk!

Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor.

Voertuig tegen spontaan wegrijden beveiligen. Gesloten en strak aansluitende werkkleding dragen. Geen hete of roterende onderdelen vastpakken.

AS00.00-Z-0005-01A

15

Motor starten

16

Werking dagrijlichten controleren

Type 447 zonder code LW1, dagrijlicht vervallen, type 448
Lichtschakelaar (1) in stand 'auto'.

Als een defect wordt vastgesteld

Oorzaak vaststellen en probleem verhelpen, tegen afzonderlijke opdracht.

17

Motor afzetten

Verwezen documenten