AP47.20-D-0780A | Brandstoffilter vervangen | 23.8.11 |
MOTOR 104.900, 111.948 /950 /978 /980 in TYPE 638
MOTOR 111.979 /984 in TYPE 901, 902, 903, 904
N07.57-2170-01
N07.57-2098-01
N07.57-2099-01
Afgebeeld bij brandstoffilter (1) met slangaansluitingen in type 638
1 Brandstoffilter
2 Rubberen verbindingsslangen
3 Bevestigingsbout
Afgebeeld bij brandstoffilter (1) met schroefaansluiting in type 901, 902, 903, 904
1 Brandstoffilter
2 Rubberen verbindingsslangen
2a Schroefaansluitingen
3 Bevestigingsbout
Afgebeeld bij brandstoffilter (1) met slangaansluitingen in type 901, 902, 903, 904
1 Brandstoffilter
2 Rubberen verbindingsslangen
3 Bevestigingsbout
| Uit-, inbouwen | ||
Gevaarlijk! | Explosiegevaar door ontbranding, vergiftigingsgevaar door het inademen en binnenkrijgen van brandstof en kans op letsel door huid- en oogcontact met brandstof. | Vuur, vonken, open licht en roken verboden. Bij omgaan met brandstoffen beschermende kleding dragen. | |
Gevaarlijk! | Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor. | Wagen tegen spontaan wegrijden beveiligen. | |
1 | Contact uitschakelen | ||
2 | Tankdop openen | Overdruk in brandstoftank laten ontsnappen. | |
3 | Brandstofleidingen losnemen | Brandstofleidingen voor en na brandstoffilter (1) aan rubberen verbindingsslangen (2) losnemen. | |
De kunststofleidingen mogen niet worden losgenomen. | |||
Klem | |||
4.1 | Rubberen verbindingsslangen (2) aan brandstoffilter (1) losnemen | Brandstoffilter (1) met slangaansluitingen | |
Wegstromende brandstof opvangen. Aansluitingen aan brandstoffilter (1) met afsluitdoppen afsluiten. | |||
Inbouw: Rubberen verbindingsslangen (2) zo nodig vervangen. | |||
4.2 | Schroefaansluitingen (2a) van brandstofleidingen aan brandstoffilter (1) losschroeven | Brandstoffilter (1) met schroefaansluitingen | |
Wegstromende brandstof opvangen. Brandstofleidingen en leidingaansluitingen aan brandstoffilter (1) met afsluitdoppen afsluiten. | |||
5 | Bout (3) losnemen en brandstoffilter (1) uit houder nemen | Inbouw: Op doorstroomrichting letten. De pijlen op het brandstoffilterhuis geven de doorstroomrichting aan. | |
De tape op brandstoffilter (1) moet aan beide zijden van de houder gelijkmatig uitsteken. | |||
6 | Inbouw in omgekeerde volgorde uitvoeren | ||
7 | Motor starten | ||
| Controleren | ||
8 | Brandstoffilter (1) op lekkage controleren |
000 589 40 37 00
Klem
Verwezen documenten
- as0000z000501a Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor.
- as4700z000101a Explosiegevaar door ontbranding, vergiftigingsgevaar door het inademen en binnenkrijgen van brandstof en kans op letsel door huid- en oogcontact met brandstof.