ap4210d4253c

Remvoeringdikte controleren

Type ap · thema 42.10 · versie 0103 · 2011-09-15

Geldig voor: TYPE 901.6, 902.6, 903.6, 904.6, 905.6 vanaf modeljaar 2003

Plaats

Functiegroep 2 Onderstel › 42 Remsysteem - hydraulisch systeem en mechanisch gedeelte › 42.10 Bedrijfsrem — Serie 901 (modellen 6**) · Serie 902 (modellen 6**) · Serie 903 (modellen 6**) · Serie 904 (modellen 6**) · Serie 905 (modellen 6**)

EinPAS 21 Remmen/vacuümsysteem/persluchtsysteem › 21.15 Bedrijfsrem/vacuümsysteem › 21.15.40 Bedrijfsrem voor — Serie 901 (modellen 6**) · Serie 902 (modellen 6**) · Serie 903 (modellen 6**) · Serie 904 (modellen 6**) · Serie 905 (modellen 6**)

EinPAS 21 Remmen/vacuümsysteem/persluchtsysteem › 21.15 Bedrijfsrem/vacuümsysteem › 21.15.42 Bedrijfsrem achter — Serie 901 (modellen 6**) · Serie 902 (modellen 6**) · Serie 903 (modellen 6**) · Serie 904 (modellen 6**) · Serie 905 (modellen 6**)

AP42.10-D-4253C

Remvoeringdikte controleren

23.8.11

TYPE 901.6, 902.6, 903.6, 904.6, 905.6
vanaf modeljaar 2003

Remvoeringdikte controleren
Remvoeringdikte controleren

N42.10-0304-01

Afgebeeld bij voorwielrem

Afgebeeld bij achterwielrem

N42.10-2136-01

Uitbouwen

Gevaarlijk!

Levensgevaarlijk is het van de hefbrug glijden of kantelen van de wagen.

Wagen tussen de hefbrugkolommen plaatsen en de vier hefschotels op de door de wagenfabrikant voorgeschreven hefpunten aanbrengen.

AS00.00-Z-0010-01A

1

Achterwielen demonteren

Wagens met dubbele bandenmontage.

AP40.10-D-4040A

Controleren

2

Voeringdikte van remblokken in remklauw controleren

De buitenste remblokken door de bovenste velgopening (pijl) controleren. Voor een beter zicht een handlamp of zaklamp bij de velgopening houden. De binnenste remblokken vanaf de onderzijde van de wagen controleren:

Wagen opheffen, opkrikken

AR00.60-D-1000A

Als de remvoeringdikte van de remblokken de slijtagegrens van de remvoering nadert, dienen de wielen te worden gedemonteerd en alle remblokken te worden gecontroleerd.

Als de remvoeringdikte voor onder de slijtagegrens van de remvoering ligt, moeten de remblokken van de vooras worden vervangen.

Wielen de-, monteren

AR40.10-D-1100A

Slijtagegrens remvoering

*BE42.10-N-1001-10A

Als de remvoeringdikte achter onder de slijtagegrens van de remvoering ligt, moeten de remblokken van de achteras worden vervangen.

Achterwielen de-, monteren

AP40.10-D-4040A

Slijtagegrens remvoering

*BE42.10-N-1001-10A

Bij eenzijdige remvoeringslijtage moet de remklauw (per as) op toestand en gangbaarheid worden gecontroleerd door de wielen te verwijderen.

Inbouwen

3

Achterwielen monteren

Wagens met dubbele bandenmontage.

AP40.10-D-4040A

Controle- en afstelwaarden bedrijfsrem

Nummer

Omschrijving

Type
690.6, 901,
902, 903,
904

Type 905

BE42.10-N-1001-10A

Slijtagegrens remvoering

mm

2

3

Verwezen documenten