Voor controle- en richtwerkzaamheden aan de originele veerpootbevestiging bij aandrijving op alle wielen moeten de veerpootconsoles voor aandrijving op alle wielen worden gebruikt.
Om nieuwe veerpootbevestigingen in te bouwen, moet aan de betreffende voertuigzijde de veerpootconsole voor in serie geproduceerde voertuigen worden gebruikt, omdat er geen speciale onderdelen voor de veerpootbevestiging met betreffende hoek zijn voor voertuigen met aandrijving op alle wielen.
Na inbouw moeten de veerpootbevestigingen met trekgreedschap in de juiste positie voor voertuigen met aandrijving op alle wielen.
Voorbeeld: voertuig met ongevalschade aan de linkerzijde. Onderzijde en veerpootbevestiging links moeten worden vervangen.
Rechts wordt de veerpootconsole voor aandrijving op alle wielen gemonteerd en links wordt voor het vastlassen van de nieuwe onderdelen de veerpootconsole voor in serie geproduceerde voertuigen gemonteerd.
Voordat de aggregaten (motor, vooras) worden ingebouwd, moet de veerpootbevestiging links met speciaal trekgereedschap in de juiste hoek worden getrokken.