GF82.61-P-2002C | Voortdurende plaatsbepaling, werking | 2.6.98 |
TYPE 215, 220
met CODE 352a, bedienings- en indicatiesysteem COMAND
behalve CODE 498, exportuitvoering Japan
behalve CODE 494a, exportuitvoering USA
P82.85-2020-01
P82.85-2019-01
P82.85-2018-01
Basisplaatsbepaling (gecombineerde plaatsbepaling) via geografische richting en afgelegd traject.
Plaatsbepaling via GPS-satellieten
Kaartgeoriënteerde plaatsbepaling, werking
Met de voortdurende plaatsbepaling wordt de actuele positie van de wagen berekend. Deze functie wordt geactiveerd bij het inschakelen van het contact en uitgevoerd door de navigatiecomputer. Tijdens het inschakelen (waarin de software wordt geladen) is alleen de basisplaatsbepaling beschikbaar.
Nadat het contact is uitgeschakeld, blijven alle belangrijke plaatsbepalingsparameters voor de duur van de wachttijd
(ca. 30 min.) opgeslagen.
Bij de voortdurende plaatsbepaling wordt gebruikgemaakt van 3 methodes die elkaar onderling aanvullen en zo een buitengewoon nauwkeurige en betrouwbare plaatsbepaling garanderen: Hiertoe behoren:
Basisplaatsbepaling (gecombineerde plaatsbepaling)
Kaartgeoriënteerde plaatsbepaling
GPS-plaatsbepaling
Handmatige invoer van de positie van de wagen
Op bedienings-, indicatie- en regeleenheid COMAND (A40/3) kan desgewenst handmatig de positie van de wagen worden ingevoerd. Dit kan in de volgende gevallen nuttig zijn:
Na transport van de wagen (bijvoorbeeld per veerpont of trein)
Als er bij het begin van een rit nog geen GPS-ontvangst is
Vanaf 1.9.03 wordt de navigatiecomputer (N41/1) als afzonderlijke regeleenheid in de kofferruimte links ingebouwd.
Verwezen documenten
- gf8261p3006c Basisplaatsbepaling, werking