gf8260p2001e

Radio, werking

Type gf · thema 82.60 · versie 0101 · 2000-08-29

Geldig voor: TYPE 208, 210 met CODE (352a), bedienings- en indicatiesysteem COMAND behalve CODE (498), exportuitvoering Japan

Plaats

Functiegroep 3 Opbouw/carrosserie › 82 Elektrische installatie, opbouw/carrosserie › 82.60 Radio, audio-video — Serie 208 · Serie 210

GF82.60-P-2001E

Radio, werking

9.2.99

TYPE 208, 210
met CODE (352a), bedienings- en indicatiesysteem COMAND
behalve CODE (498), exportuitvoering Japan

Antenneversterker
achterruit linksboven
(A2/8)

FM2, 3

Navigatie-computer met
GPS-ontvanger en gyrosensor

Diagnose-testaansluiting (X11/4)

Diagnose

Verkeersinformatie-
geheugen (A2/43)

Centrale
computer

Antenneversterker
achterruit linksonder
(A2/24)

ZF-signaal

FM-/AM-sign.

Radio-tuner

Verwerking
audiosignalen

FM1-/AM-signalen

Combi-instrument (A1)

Multifunctioneel stuurwiel

Autoluidsprekers

Activering

FM1, AM

CD-loopwerk

Bedienings-,
indicatie- en
regeleenheid
COMAND
(A40/3)

NF-signalen

CAN-(A40/3-A1)

Blokschema radiosysteem COMAND, afgebeeld met antennesysteem van type 210.0 met volgende uitrusting:

Sound System (code 810)

De gemarkeerde onderdelen zijn de belangrijkste van de radio.

Afkortingen:

AM Amplitudemodulatie

CAN B CAN-interieur

FM Frequentiemodulatie

Versterker Sound System (N40/3)

Blokschema radiosysteem COMAND, afgebeeld met antennesysteem van type 210.0 met volgende uitrusting:

Sound System (code 810)

De gemarkeerde onderdelen zijn de belangrijkste van de radio.

Afkortingen:

AM Amplitudemodulatie

FM Frequentiemodulatie

Het menu van het radiosysteem COMAND wordt geactiveerd door op de toets "FM/AM" van bedienings-, indicatie- en regeleenheid COMAND (A40/3) te drukken.

Radio-ontvangst, werking

De uitvoeringen van de antennesystemen verschillen afhankelijk van het wagentype. De navolgende beschrijving betreft de antennesystemen van de typen 208 (behalve 208.4) en 210 (behalve 210.2).

De antennes in de achterruit ontvangen hoogfrequente FM-, MW- en LW-signalen. Op deze hoogfrequente signalen zijn de muziek-, spraak- en gegevenssignalen gemoduleerd. De beide antenneversterkers achterruit linksboven/linksonder (A2/8, A2/24) filteren de frequenties van de radiobanden uit de ontvangen hoogfrequente signalen en versterken deze. De versterkte signalen worden vervolgens door antenneversterker achterruit linksonder (A2/24) via een gemeenschappelijke coaxkabel (FM, AM) aan de radio-ontvanger (is in bedienings-, indicatie- en regeleenheid COMAND (A40/3) geïntegreerd) doorgegeven.

-----------------------------------------------------------------------------------------

De radio-ontvanger demoduleert de hoogfrequente signalen, d.w.z. de ontvanger scheidt de eigenlijke informatie (hoorbare frequenties) van de draagsignalen (niet hoorbaar). De gedemoduleerde audiosignalen worden versterkt en via de autoluidsprekers in geluidssignalen omgezet.

FM-antenne-diversity (niet bij type 208.4, 210.2)

Bij antenne-diversity wordt, afhankelijk van de ontvangst, tussen de FM-antennes van de achterruit omgeschakeld. Het omscha-kelen wordt automatisch uitgevoerd door antenneversterker achterruit linksonder (A2/24). De radio-tuner van bedienings-, indicatie- en regeleenheid COMAND (A40/3) genereert alleen het ZF-signaal (Zwischenfrequenz), dat voor de antenneversterker als referentiesignaal dient voor het wisselen van de FM-antennes.





-----------------------------------------------------------------------------------------

Dubbele ontvangertechnologie

Een tweede (geïntegreerde) radio-ontvanger genereert na het inschakelen van COMAND automatisch een lijst met FM-zenders die kunnen worden ontvangen. Deze lijst wordt voortdurend geactualiseerd en wordt in alfabetische volgorde weergegeven in het menu "FM-zenderlijst". De weergegeven zenders kunnen worden geactiveerd door deze te selecteren en te bevestigen.

De zenderlijst is alleen beschikbaar als de functie RDS is geactiveerd.

Als tijdens het rijden ontvangststoringen optreden, probeert COMAND met behulp van de tweede ontvanger de geselecteerde zender op een alternatieve frequentie te ontvangen. Als de ontvangst beter is, wordt op deze alternatieve frequentie omgeschakeld.

-----------------------------------------------------------------------------------------

Enkele programma's van radiozenders worden op bepaalde tijden in regionale programma's opgedeeld. Hierbij kan het voorkomen dat er op een van de overige regionale programma's wordt omgeschakeld. Dit geschiedt dan omdat COMAND, zoals hierboven beschreven, bij ontvangst-storingen automatisch op een alternatieve frequentie van de zender omschakelt. Als dit niet is gewenst, kan in het menu "FM-Einstellungen" de optie "Regionalprogramm" worden geactiveerd.

Radio Data System (RDS) (behalve )

Veel radiozenders (FM) zenden naast het radioprogramma extra, digitale gegevens uit, zoals zendernaam, programmatype (PTY) (bijvoorbeeld pop, cultuur) en verkeersinformatie.

Deze informatie wordt door COMAND geanalyseerd en op het beeldscherm weergegeven als:

er een RDS-zender is ingesteld en

de functie RDS is geactiveerd.

-----------------------------------------------------------------------------------------

Het radio-onderdeel van het COMAND-systeem biedt bovendien:

Een zenderlijst met de momenteel sterkste FM-zender met RDS-functie

Automatische opslag van de sterkste MW/LW-zenders

Keuze van programmatype (PTY, bijvoorbeeld cultuur, sport, pop) bij FM-zenders met RDS-functie

Voor de programmakeuze Weatherband
(actuele weerberichten)

Mogelijkheden voor zenderkeuze:

Handmatig zenders zoeken

Automatisch zenders zoeken en scannen (de zenders van een band worden 8 sec. lang weergegeven)

Zenderkeuze vanuit het geheugen (10 zenders per band)

Zenderkeuze door invoer van een frequentie via de nummertoetsen (bijv. 92,2 MHz)

Zenderkeuze vanuit de lijst met FM-zenders

Volume- en geluidsinstellingen, werking

GF82.60-P-2003D

Gegevensuitwisseling tussen COMAND en combi-instrument, werking

GF82.85-P-3008B

Antennes achterruit, plaatsing/functie/bouw/werking

Behalve type 208.4, 210.2

GF82.62-P-3106B

Antenneversterker audio/TV, plaatsing/functie/bouw/werking

Geldt voor antenneversterker achterruit linksboven (A2/8),

Behalve type 208.4, 210.2

GF82.62-P-3104B

Geldt voor antenneversterker achterruit linksonder (A2/24),

Behalve type 208.4, 210.2

GF82.62-P-3104D

Antenneversterker FM/AM, plaatsing/functie/bouw/werking

Geldt voor versterker FM/AM (A2/18) in

type 208.4, 210.2

GF82.62-P-4101A

Verwezen documenten