ap8210p8263sr

Dimlicht controleren, afstellen

Type ap · thema 82.10 · versie 0101 · 2015-08-19

Geldig voor: Type 453 Halogeenkoplamp SAE-uitvoering

Plaats

Functiegroep 3 Opbouw/carrosserie › 82 Elektrische installatie, opbouw/carrosserie › 82.10 Uitwendige verlichting — Serie 453

EinPAS 30 Verlichtingssysteem › 30.15 Exterieurverlichting › 30.15.40 Voorlicht — Serie 453

AP82.10-P-8263SR

Dimlicht controleren, afstellen

18.8.15

Type

453

Halogeenkoplamp SAE-uitvoering

Dimlicht controleren, afstellen

01

Afstelapparaat koplampen

A

Afstand

H

Afstelbout hoogteafstelling

P82.00-3062-06

Dimlicht controleren, afstellen
Dimlicht controleren, afstellen

P82.10-7443-01

5

Schakelaar exterieurverlichting

6

Koplampregelaar

E1

Verlichtingseenheid linksvoor

E1e1

Grootlicht links

E1e2

Dimlicht links

P82.10-7671-01

Dimlicht controleren, afstellen

Lichtstraal

1

Licht-donker-grens

2

Referentielijn hoogteafstelling

3

Middenmarkering

4

Referentielijn zijafstelling

P82.10-7461-76

Gevaarlijk!

Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor.

Voertuig tegen spontaan wegrijden beveiligen. Gesloten en strak aansluitende werkkleding dragen. Geen hete of roterende onderdelen vastpakken.

AS00.00-Z-0005-01A

Algemene aanwijzingen bij koplampafstelling controleren, corrigeren

AH82.10-P-1000-01A

Voorbereidende werkzaamheden

1

Hoekmaat van hoofdkoplampen bepalen

Aanwijzingen voor bepalen van koplampafstelwaarden

AH82.10-P-1005-01A

De hoekmaataanduiding van de hoofdkoplampen bevindt zich op het typeplaatje op de B­stijl aan de passagierszijde.

2

Voertuig op een horizontale, vlakke ondergrond plaatsen

Maximaal toegestaan hoogteverschil tussen rechter- en linkerzijde van ondergrond voor:
­ Voertuig: 1 mm/m
­ Afstelapparaat koplampen (01): 0,5 mm/m

3

Voertuig voor koplampcontrole of koplampafstelling voorbereiden

AP82.10-P-8260-10SR


Voordat het dimlicht wordt gecontroleerd en afgesteld, moeten alle in de gelinkte beschrijving vermelde bewerkingen zorgvuldig worden uitgevoerd.
Anders kan niet worden gewaarborgd dat de betreffende koplampen juist zijn afgesteld, waardoor de verkeersveiligheid van het voertuig in gevaar kan komen.

4

Afstelapparaat koplampen (01) richten

000 588 11 21 00 Afstelapparaat

WS82.00-P-0151B


Afstelapparaat koplampen (01) moet altijd parallel aan de voertuigvoorzijde zijn gericht.
Anders kunnen de koplampen onjuist worden afgesteld, waardoor de verkeersveiligheid van het voertuig in gevaar kan komen.

Afstelapparaat koplampen (01) op een afstand (A) van ca. 30 cm voor verlichtingseenheid links- of rechtsvoor (E1) met behulp van referentiepunten (pijlen), parallel aan voorzijde van voertuig, ter hoogte van dimlicht links of rechts (E1e2) plaatsen.
Andersluidende nationale bepalingen of aanwijzingen in de handleiding van het afstelapparaat koplampen dienen overeenkomstig te worden aangehouden.

5

Voorgeschreven hoekmaat hoofdkoplampen op afstelapparaat koplampen (01) instellen

6

Dimlicht met schakelaar exterieurverlichting (5) inschakelen

Controleren, zo nodig afstellen (controle en afstelling van dimlicht wordt bij dimlicht links (E1e2) beschreven, voor de rechterzijde moet op dezelfde wijze te werk worden gegaan als bij de linkerzijde.)

7

Werking van koplamphoogteregeling controleren

Alleen voertuigen met koplampregelaar (6).

AP82.10-P-8250EW


Koplampregelaar (6) aan het einde van de controle op stand '0' zetten.
Anders kunnen de koplampen onjuist worden afgesteld, waardoor de verkeersveiligheid van het voertuig in gevaar kan komen.

8

Hoogteafstelling van dimlicht links (E1e2) controleren, zo nodig afstellen

Als de hoogteafstelling juist is, moet de licht-donker-grens (1) van dimlicht links (E1e2) zich altijd aan de linkerzijde van de middenmarkering (3) op de referentielijn hoogteafstelling (2) van het afstelapparaat koplampen (01) bevinden, zoals op de kleurenafbeelding is te zien.
Het gekleurde gebied van de licht-donker-grens (1) van dimlicht links (E1e2) moet zich boven de referentielijn hoogteafstelling (2) bevinden, zoals op de kleurenafbeelding is te zien.

Als de hoogteafstelling van dimlicht links (E1e2) niet juist is:

Hoogteafstelling van dimlicht links (E1e2) corrigeren door afstelbout hoogteafstelling (H) te draaien.

9

Zijafstelling van dimlicht links (E1e2) controleren, zo nodig afstellen

Als de zijafstelling juist is, moet licht-donker-grens (1) van dimlicht links (E1e2) zich altijd aan de rechterzijde van middenmarkering (3) op referentielijn zijafstelling (4) van afstelapparaat koplampen (01) bevinden, zoals op de kleurenafbeelding is te zien.
Het gekleurde gebied van licht-donker-grens (1) van dimlicht links (E1e2) moet zich boven referentielijn zijafstelling (4) bevinden, zoals op de kleurenafbeelding is te zien.

Als de zijafstelling van dimlicht links (E1e2) niet juist is:

Tegen afzonderlijke opdracht, inbouwpositie van betreffende koplamp controleren en corrigeren.

Voegmaat TYPE 453.0/3Voegmaat

*BE60.00-P-1001-01CA

Vervolgens bewerking 2 t/m 9 opnieuw uitvoeren.

Afrondende werkzaamheden

10

Schakelaars en, zo nodig, belastingstoestand van voertuig in ingangstoestand terugzetten

Alleen als hierna de grootlichtafstelling of mistlampafstelling niet meer wordt gecontroleerd.

Controle- en afstelwaarden voegmaten

Nummer

Omschrijving

Type 453.0

Type 453.3

BE60.00-P-1001-01CA

Voegmaat

Zie afbeelding

AR60.00-P-0700-01SR

AR60.00-P-0700-01SR

Verwezen documenten