ap2520g2981cmd

Koppelingsbediening - remvloeistof verversen

Type ap · thema 25.20 · versie 0100 · 2018-08-13

Geldig voor: Type 437.465 vanaf 1-4-17 met code G48 (Elektronisch geautomatiseerde schakeling (EAS))

Plaats

Functiegroep 2 Onderstel › 25 Koppeling › 25.20 Koppelingsbediening — Serie 437 (modellen 465)

EinPAS 17 Aandrijflijn/as › 17.15 Koppeling › 17.15.5 Koppelingsbediening — Serie 437 (modellen 465)

AP25.20-G-2981CMD

Koppelingsbediening - remvloeistof verversen

23.03.2018

Type

437.465 vanaf 1-4-17

met code G48 (Elektronisch geautomatiseerde schakeling (EAS))

Koppelingsbediening - remvloeistof verversen

1

Remvloeistofreservoir kring 1

2

Remvloeistofreservoir kring 2

G25.20-3223-01

Koppelingsbediening - remvloeistof verversen

3

Koppelingshuis

4

Ontluchtingsklep

5

Ontluchtingsklep

6

Koppelingssteller

7

Ontluchtingsklep

8

Ontluchtingsklep

9

Koppelingsbekrachtiger

G25.20-3226-12

Waarschuwing

Kans op ongevallen door spontaan wegrijden bij draaiende motor. Kans op letsel door bekneld raken en verbranding bij ingrepen tijdens het starten of bij draaiende motor.

Voertuig tegen spontaan wegrijden beveiligen. Gesloten en strak aansluitende werkkleding dragen. Geen hete of roterende onderdelen vastpakken.

AS00.00-Z-0005-01A

Voorzichtigheid geboden

Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van remvloeistof. Kans op letsel doorhuid- en oogcontact met remvloeistof

Remvloeistof uitsluitend in hiervoor bestemde en als zodanig aangeduide reservoirs doen. Bij het omgaan met remvloeistof beschermende kleding en een veiligheidsbril dragen.

AS42.50-Z-0001-01A

Aanwijzing

Aanwijzingen remvloeistof

AH42.50-P-0001-01A

Remvloeistof in kring 2 verversen

1

Motorkap openen.

Zie de informatie van de carrosseriebouwer.

2

Motor starten en persluchtsysteem tot uitschakeldruk vullen.

3

Motor afzetten.

4

Dop van remvloeistofreservoir kring 2 (2) draaien.

5

Zeef uit remvloeistofreservoir kring 2 (2) uitbouwen.

6

Oude remvloeistof uit remvloeistofreservoir kring 2 (2) afzuigen.

De naloopopening in remvloeistofreservoir kring 2 (2) moet met remvloeistof bedekt blijven.

7

Zeef in remvloeistofreservoir kring 2 (2) aanbrengen.

8

Vulapparaat op remvloeistofreservoir kring 2 (2) aansluiten.

000 588 01 82 00 Vulapparaat

WS25.00-P-0016B

Remvloeistof (DOT 4 plus)

BB00.40-P-0331-00A

Handleiding van fabrikant aanhouden.
Dit moet volledig met remvloeistof zijn gevuld.

Ontluchtingsaansluiting

*000589032500

9

Vulapparaat inschakelen en een druk van ca. 1,8 bar instellen.


Vulapparaat op een maximale druk van 1,8 bar instellen.
Anders kan schade aan de koppelingswerkcilinder ontstaan.

10

Stofkap van ontluchtingsklep (4) verwijderen.

11

Ontluchtingsklep (4) aan koppelingswerkcilinder openen en remvloeistof in een reservoir opvangen.

Ontluchtingsklep (4) geopend laten tot nieuwe remvloeistof zonder dampbellen naar buiten komt.

12

Ontluchtingsklep (4) aan koppelingswerkcilinder sluiten.

13

Stofkap op ontluchtingsklep (4) aanbrengen.

14

Vulapparaat uitschakelen en verwijderen.

Controleren

15

Vloeistofniveau in remvloeistofreservoir kring 2 (2) controleren, corrigeren.

AP25.20-G-2910C

16

Dop van remvloeistofreservoir kring 2 (2) vastdraaien.

Remvloeistof in kring 1 verversen

17

Dop van remvloeistofreservoir kring 1 (1) draaien.

18

Zeef uit remvloeistofreservoir kring 1 (1) uitbouwen.

19

Oude remvloeistof uit remvloeistofreservoir kring 1 (1) afzuigen.

De naloopopening in remvloeistofreservoir kring 1 (1) moet met remvloeistof bedekt blijven.

20

Zeef in remvloeistofreservoir kring 1 (1) aanbrengen.

21

Vulapparaat op remvloeistofreservoir kring 1 (1) aansluiten.

000 588 01 82 00 Vulapparaat

WS25.00-P-0016B

Remvloeistof (DOT 4 plus)

BB00.40-P-0331-00A

Handleiding van fabrikant aanhouden.
Het vulapparaat moet volledig zijn gevuld.

Ontluchtingsaansluiting

*000589032500

22

Vulapparaat inschakelen en een druk van ca. 1,8 bar instellen.


Vulapparaat op een maximale druk van 1,8 bar instellen.
Anders kan schade aan koppelingssteller (6) of koppelingsbekrachtiger (9) ontstaan.

23

Stofkappen van ontluchtingskleppen (5, 7, 8) verwijderen.

24

Ontluchtingsklep (5) aan koppelingssteller (6) openen en remvloeistof in een reservoir opvangen.

Ontluchtingsklep (5) geopend laten tot nieuwe remvloeistof zonder dampbellen naar buiten komt.

25

Ontluchtingsklep (6) aan koppelingssteller sluiten.

26

Ontluchtingsklep (7) aan koppelingsbekrachtiger (9) openen en remvloeistof in een reservoir opvangen.

Ontluchtingsklep (7) geopend laten tot nieuwe remvloeistof zonder dampbellen naar buiten komt.

27

Ontluchtingsklep (9) aan koppelingsbekrachtiger (9) sluiten.

28

Ontluchtingsklep (8) aan koppelingsbekrachtiger (9) openen en remvloeistof in een reservoir opvangen.

Ontluchtingsklep (8) geopend laten tot nieuwe remvloeistof zonder dampbellen naar buiten komt.

29

Ontluchtingsklep (8) aan koppelingsbekrachtiger (9) sluiten.

30

Stofkappen van ontluchtingskleppen (5, 7, 8) aanbrengen.

31

Vulapparaat uitschakelen en demonteren.

32

Koppelingspedaal meerdere keren indrukken.

Controleren

33

Vloeistofniveau in remvloeistofreservoir kring 1 (1) controleren, corrigeren.

AP25.20-G-2910C

34

Dop van remvloeistofreservoir kring 1 (1) vastdraaien.

35

Koppelingsbediening controleren.

AP25.20-G-2957CM

36

Motorkap sluiten.

Zie de informatie van de carrosseriebouwer.

Koppelingsbediening - remvloeistof verversen

000 589 03 25 00

Ontluchtingsaansluiting

Verwezen documenten