AR07.13-P-9230C | Inspuitleidingen uit-, inbouwen (DE) | 5.9.95 |
MOTOR 602.982 in TYPE 210.017 /217
MOTOR 602.983 in TYPE 461
P07.13-0380-06
Afgebeeld aan roterende inspuitpomp van motor 602.982.
Om leidingbreuk te vermijden, moeten de klemmen (56) overeenkomstig de afbeel-ding gemonteerd worden. De inspuitlei-dingen zijn de inspuitvolgorde 1-2-4-5-3 aangesloten. De inspuitvolgorde is op de kunststof afdekking van de roterende in-spuitpomp aangegeven.
Y23/3 Roterende inspuitpomp EVE
55/1 Inspuitleiding
cilinder 1 uitgang A
55/2 Inspuitleiding
cilinder 2 uitgang B
55/3 Inspuitleiding
cilinder 3 uitgang C
55/4 Inspuitleiding
cilinder 4 uitgang D
55/5 Inspuitleiding
cilinder 5 uitgang E
56 Klemmen
| Uit-, inbouwen | ||
1 | Kleppendeksel-schachtafdekking uitbouwen | Bij type 210 Op inbouwpositie van arreteerhulzen letten. | |
2 | Turbolucht-verdeelbuis | Alleen bij complete uitbouw van inspuitleidingen | |
3 | Klemmen (56) losnemen | Alleen bij vernieuwen van afzonderlijke inspuitleidingen | |
4 | Bouten aan houder inspuitleiding losschroeven | Alleen bij complete uitbouw van inspuitleidingen | |
5 | Wartelmoer(en) aan inspuitpomp en verstuiver(s) losdraaien | | |
Na de demontage van de inspuitleiding de aansluitingen aan de inspuitpomp en verstuiver(s) afsluiten. | |||
| |||
6 | Inbouw in omgekeerde volgorde uitvoeren |
Verstuivers, leidingen
000 589 69 03 00
Ringsleuteldop
Verwezen documenten
- ar0941p1310c Turbolucht-verdeelbuis uit-, inbouwen