ap8230s8252p

Ruitenwissers, ruitensproeierinstallatie en koplampreinigingsinstallatie - werking controleren

Type ap · thema 82.30 · versie 0101 · 2017-10-12

Geldig voor: Type 470, 471

Plaats

Functiegroep 3 Opbouw/carrosserie › 82 Elektrische installatie, opbouw/carrosserie › 82.30 Ruitewissers — Serie 470 · Serie 471

EinPAS 36 Zicht › 36.30 Wissen/sproeien › 36.30.1 Basisinformatie — Serie 470 · Serie 471

AP82.30-S-8252P

Ruitenwissers, ruitensproeierinstallatie en koplampreinigingsinstallatie - werking controleren

09.10.2017

Type

470, 471

Ruitenwissers, ruitensproeierinstallatie en koplampreinigingsinstallatie -      
	werking controleren

1

Toets 'ruitensproeierinstallatie'

2

Schakelaar ruitenwissers

3

Combischakelaar

G82.30-3112-01

Ruitenwissers, ruitensproeierinstallatie en koplampreinigingsinstallatie -      
	werking controleren

Sproeibeeld ruitensproeierinstallatie

G82.35-3117-11

Gevaar

Brand- en explosiegevaar door het ontbranden van ruitensproeiervloeistof en antivriesmiddel, alsmede de damp ervan. Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van ruitenspoeiervloeistof en antivriesmiddel, alsmede door het inademen van de dampen ervan. Kans op letsel door irritatie bij contact van ruitensproeiervloeistof en antivriesmiddel met de ogen, het slijmvlies of de huid.

Beschermende kleding en goed aansluitende veiligheidsbril dragen. Open licht, vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt houden. Contact met ogen, slijmvliezen en huid vermijden. Tijdens het werken met ruitensproeiervloeistof en antivriesmiddel niet eten, drinken of roken. Dampen niet inademen, voor toereikende ventilatie zorgen. Ruitensproeiervloeistof en antivriesmiddel alleen in goed afgesloten originele verpakkingen en buiten bereik van kinderen bewaren.

AS82.35-Z-0001-01A

Waarschuwing

Kans op letsel door bekneld raken, in extreme gevallen door het afknijpen van ledematen bij ingrepen aan het ruiten-wissermechanisme

Voordat enige werkzaamheden aan het ruitenwissermechanisme worden uitgevoerd, moet altijd het contact worden uitgeschakeld en moet de zendersleutel zich buiten het zendbereik van het voertuig worden gelegd (minstens 2 m).

AS82.30-Z-0001-01A

Ruitenwissers controleren

1

Toestand van wisserrubbers controleren

Als wisserrubber is beschadigd

Tegen afzonderlijke opdracht, wisserrubber vervangen.

2

Ruitenwisser in alle standen controleren

Als een defect wordt vastgesteld

Tegen afzonderlijke opdracht oorzaak vaststellen en storing verhelpen.

Ruitensproeierinstallatie controleren

3

Werking van ruitensproeierinstallatie controleren

De sproeiervloeistofpomp en de ruitenwissers moeten gelijktijdig inschakelen.

Als een defect wordt vastgesteld

Tegen afzonderlijke opdracht oorzaak vaststellen en storing verhelpen.

4

Afstelling van sproeiers controleren

De sproeiervloeistof mag niet over het dak of naar opzij spuiten.

Zo nodig

Afstelling van sproeiers met geschikt gereedschap corrigeren.

Koplampreinigingsinstallatie controleren

5

Werking van koplampreinigingsinstallatie controleren

Met code LG7, high performance-koplampen led

Als een defect wordt vastgesteld

Tegen afzonderlijke opdracht oorzaak vaststellen en storing verhelpen.

6

Afstelling van sproeiers controleren

Met code LG7, high performance-koplampen led

Zo nodig

Afstelling van sproeiers met geschikt gereedschap corrigeren.

Verwezen documenten