ap8230d8252ts

Ruitenwissers, ruitensproeierinstallatie en koplampreinigingsinstallatie - werking controleren

Type ap · thema 82.30 · versie 0200 · 2019-02-20

Geldig voor: Type 907, 910

Plaats

Functiegroep 3 Opbouw/carrosserie › 82 Elektrische installatie, opbouw/carrosserie › 82.30 Ruitewissers — Serie 907 · Serie 910

EinPAS 36 Zicht › 36.30 Wissen/sproeien › 36.30.1 Basisinformatie — Serie 907 · Serie 910

AP82.30-D-8252TS

Ruitenwissers, ruitensproeierinstallatie en koplampreinigingsinstallatie - werking controleren

15.02.2019

Type

907, 910

Wijziging

15.02.2019

Controleren van sproeiers voorruit volledig gewijzigd.

Bewerking 5

Ruitenwissers, ruitensproeierinstallatie en koplampreinigingsinstallatie -      
	werking controleren

1

Toets 'ruitensproeierinstallatie'

2

Schakelaar ruitenwissers

3

Combischakelaar

D82.30-0048-71

Gevaar

Brand- en explosiegevaar door het ontbranden van ruitensproeiervloeistof en antivriesmiddel, alsmede de damp ervan. Vergiftigingsgevaar door het binnenkrijgen van ruitenspoeiervloeistof en antivriesmiddel, alsmede door het inademen van de dampen ervan. Kans op letsel door irritatie bij contact van ruitensproeiervloeistof en antivriesmiddel met de ogen, het slijmvlies of de huid.

Beschermende kleding en goed aansluitende veiligheidsbril dragen. Open licht, vuur en ontstekingsbronnen uit de buurt houden. Contact met ogen, slijmvliezen en huid vermijden. Tijdens het werken met ruitensproeiervloeistof en antivriesmiddel niet eten, drinken of roken. Dampen niet inademen, voor toereikende ventilatie zorgen. Ruitensproeiervloeistof en antivriesmiddel alleen in goed afgesloten originele verpakkingen en buiten bereik van kinderen bewaren.

AS82.35-Z-0001-01A

Waarschuwing

Kans op letsel door bekneld raken, in extreme gevallen door het afknijpen van ledematen bij ingrepen aan het ruiten-wissermechanisme

Voordat enige werkzaamheden aan het ruitenwissermechanisme worden uitgevoerd, moet altijd het contact worden uitgeschakeld en moet de zendersleutel zich buiten het zendbereik van het voertuig worden gelegd (minstens 2 m).

AS82.30-Z-0001-01A

Ruitenwissers controleren

1

Toestand van wisserrubber bij voor- en achterruit controleren

Zo nodig:

Wisserrubbers vervangen.

Tegen afzonderlijke opdracht.

2

Ruitenwissers voor in alle standen controleren.

Als zich een probleem voordoet:

Oorzaak bepalen en probleem verhelpen.

Tegen afzonderlijke opdracht.

3

Ruitenwissers achter in alle standen controleren.

Met code W78, ruit in achterklep of achterdeur met wis-/wasinstallatie

Als zich een probleem voordoet:

Oorzaak bepalen en probleem verhelpen.

Tegen afzonderlijke opdracht.

Ruitensproeierinstallatie controleren

4

Werking van ruitensproeierinstallatie voorruit controleren.

De sproeiervloeistofpomp en de ruitenwissers moeten gelijktijdig worden ingeschakeld.

Als zich een probleem voordoet:

Oorzaak bepalen en probleem verhelpen.

Tegen afzonderlijke opdracht.

5

Sproeiers van voorruit controleren.

De sproeiervloeistof moet vóór de ruitenwissers op de voorruit worden gesproeid.
Als het voertuig stilstaat, is het normaal dat de sproeiervloeistof tot naast het voertuig en tot over het dak wordt gespoten.
Dit is nodig om ervoor te zorgen dat ook bij hoge snelheid voldoende sproeiervloeistof op de voorruit terechtkomt.

Als zich een probleem voordoet:

Ruitenwisser vervangen.

Tegen afzonderlijke opdracht.

6

Werking van ruitensproeierinstallatie achterruit controleren.

Met code W78, ruit in achterklep of achterdeur met wis-/wasinstallatie

De sproeiervloeistofpomp en de ruitenwissers moeten gelijktijdig worden ingeschakeld.

Als zich een probleem voordoet:

Oorzaak bepalen en probleem verhelpen.

Tegen afzonderlijke opdracht.

7

Afstelling van sproeiers achterruit controleren.

Met code W78, ruit in achterklep of achterdeur met wis-/wasinstallatie

De sproeiervloeistof mag niet over het dak of zijdelings naast de ruit spuiten.

Zo nodig:

Afstelling van sproeiers met geschikt gereedschap corrigeren.

Verwezen documenten