| Controleren | ||
1 | Alle reservoirs voor brandstof, koelmiddel, vacuüm, olie en remvloeistof op lekkage en beschadigingen controleren | Als lekkages of beschadigingen worden aangetroffen | |
| |||
Onderdelen afdichten of vervangen, tegen afzonderlijke opdracht. | |||
2 | Pneumatische en hydraulische apparaten op lekkage controleren | Als onderdelen lekkages vertonen | |
| |||
Onderdelen afdichten of vervangen, tegen afzonderlijke opdracht. | |||
3 | Alle afdekkingen en bekleding op onbeschadigde toestand en juiste bevestiging controleren | Als afdekkingen en bekledingen zijn beschadigd of loszitten | |
| |||
Onderdelen bevestigen of vervangen, tegen afzonderlijke opdracht. | |||
4 | Manchetten en afdekkappen op onbeschadigde toestand en vastzitten controleren | Als manchetten en afdekkappen zijn beschadigd of lekkages vertonen | |
| |||
Onderdelen vervangen, tegen afzonderlijke opdracht. |