1 | Toets 'Terug' |
2 | Toets 'OK' |
3 | Multifunctioneel display |
4 | Pijltoetsen |
G00.20-3190-76
Resetten | |||
1 | Motorkap, portieren en schuifdeuren sluiten. | ||
2 | Regeleenheid elektronisch contactslot (EZS) in stand '1' (kl. 15R) brengen. | ||
3 | Met de toets 'Terug' (1) de standaardindicatie 'kilometerteller' op het multifunctionele display (3) selecteren. | ||
4 | De toets 'Terug' (1) 2 sec. ingedrukt houden en de toets 'OK' (2) indrukken. | Op het multifunctionele display (3) verschijnt het werkplaatsmenu met de menuopties 'Voertuiggegevens', 'Rollentest', 'Vervanging remblok' en 'ASSYST PLUS'. | |
5 | De menuoptie 'ASSYST PLUS' met een van de pijltoetsen (4) op het combi-instrument selecteren en met de toets 'OK' (2) bevestigen. | Op het multifunctionele display (3) verschijnen de menuopties: 'Servicegegevens', 'Volledige servicebeurt', 'Voertuigoverdracht' (indien nog niet uitgevoerd) en 'Motoroliepeilmeting'. | |
6 | De menuoptie 'volledige servicebeurt' met een van de pijltoetsen (4) op het combi-instrument selecteren en met de toets 'OK' (2) bevestigen. | Op multifunctioneel display (3) verschijnen de servicepunten en de menuoptie: 'Servicebeurt bevestigen'. | |
7 | De menuoptie 'Service bevestigen' met een van de pijltoetsen (4) op het combi-instrument selecteren en met de toets 'OK' (2) bevestigen. | Op multifunctioneel display (3) verschijnt de geselecteerde olie. | |
8 | De voorgeschreven oliekwaliteit met een van de pijltoetsen (4) op het combi-instrument selecteren en bevestigen. | ||
| Service-Informatie: Beginafstand/olieverversingsinterval | Met code JI5, beginafstand onderhoudsinterval 30.000 km, of met code JI6, beginafstand onderhoudsinterval 40.000 km, of met code JI7, beginafstand onderhoudsinterval 60.000 km | |
Op multifunctioneel display (3) verschijnen de geselecteerde oliekwaliteit, 'Servicebeurt uitgevoerd?' en de menuopties 'Nee' en 'Ja'. | |||
9 | De menuoptie 'Ja' met een van de pijltoetsen (4) op het combi-instrument selecteren en bevestigen. | Op multifunctioneel display (3) verschijnen 'Geen terugname mogelijk' en menuoptie 'Bevestiging'. | |
10 | De menuoptie 'Bevestigen' met een van de pijltoetsen (4) op het combi-instrument selecteren en bevestigen. | Hierdoor wordt de onderhoudscomputer gereset. | |
Als de servicebeurt na het resetten van de onderhoudscomputer niet of slechts gedeeltelijk wordt uitgevoerd. | |||
| |||
Onderhoudscomputer weer naar ingangswaarde terugzetten. | |||
Service-indicatie naar vorige service terugzetten | |||
11 | De toets 'Terug' (1) net zo vaak indrukken dat de standaardindicatie 'kilometerteller' op het multifunctionele display (3) verschijnt. | ||
12 | Regeleenheid elektronisch contactslot (EZS) in stand '0' brengen. |
Verwezen documenten
- ap0020d0044t Service-indicatie naar vorige service terugzetten
- si0020d0053sg